Alle regelingen

Dit zijn alle subsidies en regelingen die in de subsidiescanner zijn opgenomen.

AlleBelasting/RijkUWVBrancheGemeente

 Regelingen weergeven in de sector:

Agrarisch - Glastuinbouw - Seniorenregeling
De seniorenregeling biedt werkgevers in de sector Glastuinbouw financiële mogelijkheden om oudere werknemers zo lang mogelijk gezond door te laten werken en hun kennis over te laten dragen aan de nieuwe generatie op de werkvloer. Zo kan worden ingezet op duurzame inzetbaarheid en een goede kennisoverdracht.

Met de seniorenregeling krijgen werkgevers de optie om de arbeidstijd van oudere medewerkers te verminderen naar 80%, terwijl de medewerkers 90% van hun salaris behouden. De vergoeding bestaat uit een negende deel van het bruto weekloon (gebaseerd op 80% werken tegen 90% loon), de verschuldigde vakantietoeslag en de verschuldigde werkgeverslasten.

De hoogte van het te vergoeden bedrag wordt jaarlijks aangepast volgens de loonstijgingen van de sector. Per 1 januari 2017 bedraagt de vergoeding voor werkgevers €79,67 per gedeclareerde seniorendag.

Deze subsidie is alleen voor branche: Glastuinbouw

Agrarisch - Hoveniers - Employabilitregeling Hoveniers
Speciaal voor hoveniers en groenvoorzieners is de employabilityregeling ingevoerd. Middels deze regeling krijgen hoveniers en groenvoorzieners de mogelijkheid om te groeien en hun inzetbaarheid te verbreden.
De employabilityregeling stelt een financiële vergoeding beschikbaar voor hoveniers en groenvoorzieners die een cursus of opleiding naast hun werk willen volgen.
Binnen deze regeling wordt de ruimte geboden om zowel binnen als buiten de eigen sector een opleiding of cursus te volgen. De opleiding of cursus kan dus bedoeld zijn om door te groeien binnen het eigen werkveld, maar ook om een nieuw beroep te leren. Een link met de hovenierssector is dus niet noodzakelijk, zolang de cursus of opleiding maar arbeidsgericht is.

De vergoeding per werknemer bedraagt maximaal €1.500,-. Dit hoeft niet aan één opleiding of cursus te worden besteed.

Deze subsidie is alleen voor branche: Hoveniers

Agrarisch - Werken aan morgen 2.0
Werkgevers en werknemers in de agrarische en groene sectoren kunnen werken aan vitaliteit en duurzame inzetbaarheid via www.werkenaanmorgen.nl. Deze site hoort bij het gelijknamige programma dat door Stigas is ontwikkeld in het kader van het Sectorplan Agrarisch en Groen. De site geeft informatie, een overzicht van de diverse ondersteuningsmogelijkheden vanuit Stigas, en biedt de mogelijkheid om zelf scans te doen en een afspraak te maken met een adviseur. Het programma Werken aan morgen helpt werkgevers en werknemers om langer gezond en productief te kunnen doorwerken.
Werken aan morgen wordt in het kader van het Sectorplan Agrarisch en Groen gesubsidieerd door onder meer het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Colland. Dit maakt dat werkgevers en werknemers gratis aan de activiteiten kunnen deelnemen.

Deze subsidie is alleen voor branche: Bos en natuur, Dierhouderij, Glastuinbouw, Hoveniers, Loonwerk, Open teelt

Agrarisch en groen - Cursusgroepen
Het fonds Colland Arbeidsmarkt stimuleert het vergroten van de vakkennis en vaardigheden van werknemers in de agrarische en groene sector. Dit is van belang voor de ontwikkeling van de werknemer en het bedrijf. Het fonds verstrekt een tegemoetkoming in de kosten voor cursussen. Deze zijn ingedeeld in verschillende cursusgroepen, afhankelijk van de sector. Per cursusgroep verschillen de vergoedingen en voorwaarden.

Deze subsidie is alleen voor branche: Dierhouderij, Glastuinbouw, Groenvoederdrogerij, Groothandel in Bloembollen, Hoveniers, Open teelt, Paddenstoelenteelt

Agrarisch en groen - Overbruggingsfonds onwerkbaar weer
Het Overbruggingsfonds (OBF) stelt werkgevers van bedrijven die het meest beïnvloed worden door slecht weer, in staat om deze periodes financieel op te vangen en tegelijkertijd werknemers in vaste dienst te houden. De regeling is beschikbaar in de Agrarische deelsectoren Loonwerk, Open teelten Landbouw en Open teelten Boomkwekerij.
Doordat werknemers in vaste dienst blijven, betaalt de werkgever verlaagde WW-premie in plaats van de normale WW-premie. Na aanmelding van de werknemers kunnen werkgevers jaarlijks, maximaal 30 dagen, gebruikmaken van de regeling. Het aantal dagen is afhankelijk van het aantal maanden dat de werknemers bij de werkgever in dienst zijn. Werkgevers bepalen zelf wanneer de werknemers een overbruggingsdag opnemen. Tijdens deze dagen betaalt de werkgever 100% van het brutoloon door. Daarna kunnen werkgevers bij het OBF een deel van de loonkosten declareren. Het fonds hanteert hierbij een vast bedrag voor iedere gedeclareerde overbruggingsdag.

De OBF-vergoedingen voor de overbruggingsdagen verschilt in hoogte per sector. In de periode 2017-2018 bedragen de vergoedingen per overbruggingsdag € 87,84 voor Open teelten Landbouw en Boomkwekerij, en voor de sector Loonwerk € 90,97.

Deze subsidie is alleen voor branche: Loonwerk, Open teelt

Agrarisch en groen - Scholingsvoucher
Sociale partners in de sector Open Teelten (bloembollenteelt, landbouw, tuinbouw en boomkwekerij) en Dierhouderij vinden het belangrijk dat werknemers zich constant ontwikkelen. Om deze reden zijn scholingsvouchers beschikbaar voor werknemers in deze sectoren. Met een scholingsvoucher ontvangt een werknemer een individueel scholingsbudget. Dit budget is te besteden aan cursussen waarmee de groei en/of verdieping in de functie wordt gestimuleerd, zodat werknemers ook in de toekomst breed inzetbaar blijven.
Met een scholingsvoucher ontvangt een werknemer eenmalig een budget van € 1.500,- voor de cursus of opleiding die de werknemer naast de eigen werkzaamheden gaat volgen.

Deze subsidie is alleen voor branche: Dierhouderij, Open teelt

Agrarisch en groen - Seniorenregeling
Het is, onder andere door de verhoging van de pensioenleeftijd, belangrijk dat werknemers in goede gezondheid en gemotiveerd tot aan het pensioen kunnen blijven werken. Met dit doel heeft Colland Arbeidsmarkt de seniorenregeling beschikbaar gesteld voor werkgevers binnen de Agrarische deelsectoren Dierhouderij, Glastuinbouw, Hoveniers, Loonwerk, Open teelten bloembollen, Open teelten landbouw, Open teelten tuinbouw, Open teelten Boomkwekerij.

Deze regeling biedt werkgevers uit de deelsectoren de mogelijkheid om oudere werknemers zo lang mogelijk gezond door te laten werken en hun kennis over te laten dragen aan de nieuwe generatie op de werkvloer. Zo kan worden ingezet op duurzame inzetbaarheid en een goede kennisoverdracht.

Met de seniorenregeling krijgen werkgevers de optie om de arbeidstijd van oudere medewerkers te verminderen naar 80%, terwijl de medewerkers 90% van hun salaris behouden. De vergoeding bestaat uit een negende deel van het bruto weekloon (gebaseerd op 80% werken tegen 90% loon), de verschuldigde vakantietoeslag en de verschuldigde werkgeverslasten. Ook parttimers kunnen gebruikmaken van de regeling, deze wordt dan naar rato vastgesteld.

De hoogte van het te vergoeden bedrag wordt jaarlijks aangepast volgens de loonstijgingen van de sector en verschilt in hoogte per deelsector variërend van €73,47 tot € 115,- per seniorendag.

Deze subsidie is alleen voor branche: Dierhouderij, Glastuinbouw, Hoveniers, Landbouw en visserij, Loonwerk, Open teelt

Agrarisch en groen - Subsidieregeling BBL-opleidingen
Het opleidings- en ontwikkelfonds Colland Arbeidsmarkt stimuleert het verhogen van de vakkennis en vaardigheden van werknemers in de Agrarische en Groene sector. Werkgevers binnen de deelsectoren Bos en Natuur, Dierhouderij, Glastuinbouw, Hoveniers, Loonwerk, kunnen daarom in aanmerking komen voor de subsidieregeling BBL-opleidingen (beroepsbegeleidende leerweg).
Deze regeling is een scholingssubsidie voor werkgevers met werknemers in dienst die een BBL-opleiding volgen op niveau 2,3 of 4. De subsidie bedraagt € 60,- per schooldag. De maximale vergoeding per werknemer is € 2.400,- per schooljaar. Jaarlijks worden op 1 september de hoogte van de vergoedingen vastgesteld.

Deze subsidie is alleen voor branche: Bos en natuur, Dierhouderij, Glastuinbouw, Hoveniers, Loonwerk

Besloten busvervoer - Gastvrijheidstraining
De training ‘Gastheerschap, de klant centraal’ wordt met korting vanuit de stichting Fonds scholing en ordening voor het besloten busvervoer (FSO) aangeboden aan touringcarchauffeurs.
In de training wordt uitgebreid ingegaan op de rol van de chauffeur bij een positieve reisbeleving van de klant. De training wordt gegeven door specialisten op het gebied van communicatie, weerbaarheid en omgaan met agressie. De training telt ook mee voor Code 95.
Vanuit het FSO wordt 15% gesubsidieerd waarmee de prijs voor de training uitkomt op € 79,65 per persoon (i.p.v. € 93,70). Dit bedrag is exclusief BTW, aanmeldkosten CCV, lunchkosten en eventuele kosten voor de locatie. De data waarop de training wordt gegeven staan vermeld op de pagina van het FSO.

Deze subsidie is alleen voor branche: Besloten busvervoer

Besloten busvervoer - Subsidie Code 95
Touringcarchauffeurs die beroepsmatig hun vak uitoefenen dienen de code 95 op hun rijbewijs te hebben staan. Om Code 95 opleidingen te stimuleren geeft het Fonds Scholing en Ordening voor het besloten busvervoer 15% subsidie aan werkgevers die investeren in de scholing van hun werknemers.

Deze subsidie is alleen voor branche: Besloten busvervoer

Besloten busvervoer - Subsidie Functie gerelateerde opleidingen
Het Fonds Scholing en Ordening voor het besloten busvervoer verstrekt 25% subsidie aan werkgevers die investeren in de functie gerelateerde scholing van hun werknemers.
Onder functie gerelateerde opleidingen worden opleidingen verstaan waarmee een medewerker beter voorbereid is op het uitvoeren van zijn huidige functie. Voorbeelden hiervan zijn:
- Veiligheidstraining op de baan
- Telefonische acquisitie
- Klantgericht telefoneren en handelen
- Verkooptraining binnen- en buitendienst
- Talencursus

Deze subsidie is alleen voor branche: Besloten busvervoer

Besloten busvervoer - Subsidieregeling Voltijdopleiding tot touringcar chauffeur
Het chauffeurscorps in de touringcarsector is sterk vergrijsd met een gemiddelde leeftijd van 57 jaar. De komende jaren is er sprake van een aanzienlijke vervangingsvraag.
Daarom kunnen werkgevers binnen de sector besloten busvervoer nu subsidie ontvangen indien zij werknemers laten opleiden tot touringcar chauffeur. Zij moeten de kandidaten dan wel een contract voor 32 uur per week voor 2 jaar aanbieden.
De kosten van de opleiding bedragen € 6.600,- waarvan de werkgever slechts 1/6e deel betaald.

Deze subsidie is alleen voor branche: Besloten busvervoer

Bouw en infra - Leermeestercursus
Werkgevers in de sector bouw en infra kunnen werknemers die dat graag willen een leermeestercursus laten volgen met subsidie vanuit het Kennis- en adviescentrum Volandis voor de sector bouw en infra.

Een leermeester is een werknemer die in de beroepspraktijk leerlingen die een beroepsopleiding in de bouw en infra volgen begeleidt en beoordeelt. Een werknemer is officieel een leermeester wanneer deze de ‘Leermeestercusus Bouw en Infra’ van Volandis heeft gevolgd. Daarnaast houdt de leermeester de voortgang van de leerling bij, voert hij functioneringsgesprekken en beoordeelt hij de leerling.
De werkgever en werknemer dienen af te stemmen welke werknemer leermester wil worden.

Zowel de werkgever als de werknemer moeten het aanmeldingsformulier ondertekenen. Na bevestiging ontvangt de werknemer via de werkgever een uitnodiging om de leermeestercusus te volgen. Bij het goed doorlopen van deze praktische cursus, ontvangt de werknemer het leermeestercertificaat en de leermeesterpas. Door iedere twee jaar een eendaagse nascholing te volgen, behoud de werknemer de certificering. Hiervoor worden werknemers via de werkgever uitgenodigd.

De kosten voor de leermeestercursus bedragen € 600,00 voor drie dagen. De kosten voor de nascholing leermeester bedragen voor één dag € 250,00. Genoemde prijzen zijn exclusief 21% btw. Deze kosten worden door de werkgever aan Volandis betaald. Als er premie voor de werknemer wordt betaald aan APG voor de cao BTER Bouw & Infra, komt de werkgever vanuit het Volandis Fonds in aanmerking voor een vergoeding van de cursuskosten (excl. btw) en verletkosten van € 160,00 per dag.

Deze subsidie is alleen voor branche: Bouw & infra

Bouw en infra - Overgangsregeling individueel budget
De cao-partijen in de bouw en infra hebben een overgangsregeling voor het individueel budget beschikbaar gesteld. Werknemers in deze sector kunnen deze regeling eenmalig inzetten voor opleidingskosten die voortvloeien uit het adviesgesprek, dat onderdeel uitmaakt van de Duurzame inzetbaarheidsanalyse (DIA). Het is dus wel een vereiste dat de werknemer heeft deelgenomen aan de DIA.

Het individueel budget is een vergoeding van 50% van de opleidingskosten die voortvloeien uit de DIA, tot een maximumbedrag van € 1.250,00. De werknemer is zelf verantwoordelijk voor het aanvragen van deze vergoeding en het aantonen dat een opleiding is gevolgd. Een DIA-adviseur beoordeelt of de opleiding onder de regeling valt en of de aanvraag wordt goedgekeurd.

Deze subsidie is alleen voor branche: Bouw & infra

Carrosseriebedrijf - EVC subsidie
Een werkgever in de carrosseriebranche die werknemers een EVC-traject laat volgen kan hier subsidie voor ontvangen vanuit het Opleidings- en Ontwikkelfonds Carrosserie (OOC). De OOC-bijdrage bedraagt 66% van het factuurbedrag (excl. btw) per EVC.
EVC is een methode voor het Erkennen van Verworven Competenties op basis van een erkende landelijke standaard, zoals die in het mbo, hbo of branche wordt gebruikt. Volgens de CAO Carrosseriebedrijf mag een werknemer die vijf jaar bij dezelfde werkgever in dienst is eenmaal in de vijf jaar een door de bedrijfstak goedgekeurde EVC-toets ondergaan.

Deze subsidie is alleen voor branche: Carrosseriebedrijf

Carrosseriebedrijf - Opleidingssubsidie
Werkgevers in de carrosseriebranche die hun werknemer(s) een opleiding laten volgen kunnen recht hebben op een subsidie. Het subsidiebedrag is € 72,- per dag (bij HBO-opleiding met goed gevolg afgesloten € 120,- per dag), maximaal 5 dagen subsidiabel per opleiding per persoon, maar niet meer dan 50% van de opleidingskosten.
Voor langlopende (avond)cursussen (met zelfstudie) zoals taalcurussen, computercursussen e.d. wordt een subsidie verstrekt van 50% van de kosten tot een maximum van € 360,-.
Voor gevolgde aanvullende praktijkopleidingsdagen (APO) zoals die worden verzorgd in de regionale opleidingscentra van VOC, wordt een subsidie verstrekt van € 111,25 per gevolgde APO dag.

Deze subsidie is alleen voor branche: Carrosseriebedrijf

Gemeentelijke Overheid - Impulsregeling
In samenspraak met gemeenten heeft het A+O fonds (de stichting arbeidsmarkt en opleidingsfonds gemeenten) een innovatieagenda opgesteld. Hierin staan de onderwerpen waarvan de sector zelf vernieuwing en ontwikkeling het belangrijkst vindt. Met de impulsregeling wordt een impuls gegeven aan verandering binnen de gemeente op de onderwerpen uit de innovatieagenda. Zo voelen gemeenten zich gesteund om met deze onderwerpen aan de slag te gaan. Het gaat hierbij om de volgende onderwerpen:
  1. Organisatieontwikkeling
    * Werken in netwerken
    * Flexibele organisatiestructuren
  2. Ontplooiing van de medewerker
    * Flexibele organisatiecultuur
    * Rol leidinggevende bij ontdekken en inzetten talenten
    * Leren van fouten
  3. Medewerkerslijn transformatie digitalisering en transformatie dienstverlening.

De gemeente stelt een projectplan op dat duidelijkheid geeft over doelen, activiteiten, planning en looptijd. Daarnaast moet een verslag met de behaalde resultaten opgesteld worden.
Alle projecten worden op basis van cofinanciering ondersteund (50-50). De minimale projectkosten zijn € 1.000,- (geeft een subsidie van € 500,-) en de maximum subsidie is € 15.000,- (bij projectkosten vanaf € 30.000,-)

Deze subsidie is alleen voor branche: Gemeentelijke overheid

Gemeentelijke Overheid - Innovatieve projecten regeling
In samenspraak met gemeenten heeft het A+O fonds (de stichting arbeidsmarkt en opleidingsfonds gemeenten) een innovatieagenda opgesteld. Hierin staan de onderwerpen waarbij de sector zelf vernieuwing en ontwikkeling het belangrijkst vindt. Experimenteren acht het A&O fonds hierbij belangrijk, want vernieuwing en ontwikkeling gaan niet via gebaande paden en strak uitgewerkte planningen. Met de innovatieve projectenregeling helpt het A+O fonds gemeenten met raad en geld om hun experimenten die aansluiten bij de onderwerpen uit de innovatieagenda te realiseren. Het gaat hierbij om de volgende onderwerpen:
  1. Organisatieontwikkeling
    * Werken in netwerken
    * Flexibele organisatiestructuren
  2. Ontplooiing van de medewerker
    * Flexibele organisatiecultuur
    * Rol leidinggevende bij ontdekken en inzetten talenten
    * Leren van fouten
    Medewerkerslijn transformatie digitalisering en transformatie dienstverlening.

De collectieve meerwaarde van een innovatief project is essentieel. Het is daarom nodig dat gemeenten het A+O fonds bij het verloop van het project betrekken. Het A+O fonds kan voorafgaand aan het project helpen met de projectopzet, het formuleren van de juiste vraag en het koppelen aan gemeenten die met hetzelfde vraagstuk bezig zijn. Dit draagt bij aan de collectieve meerwaarde.
Daarnaast is het voor het project essentieel dat minimaal 3 gemeenten actief betrokken zijn bij het project. Dat kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld met een project waar meerdere gemeenten actief samenwerken, of door periodiek feedback te vragen aan andere gemeenten. Uiteraard zorgt het A+O fonds er voor dat de kennis en ervaring gedeeld wordt in de sector.
Om daadwerkelijk van meerwaarde voor de sector te zijn, is de maximumduur van de pilot-/experimenteerfase gesteld op 14 maanden (dit is tweemaal de maximum duur van de impulsregeling). Reden is dat een te lange projectduur na afloop minder meerwaarde heeft voor de sector, omdat die zich gedurende de looptijd van het project al in eenzelfde richting heeft ontwikkeld.
Alle projecten worden op basis van cofinanciering ondersteund (50-50). De minimale projectkosten bedragen € 7.500,- ( dit geeft dus een subsidie van € 3.750,-) en de maximum subsidie is € 50.000,- bij projectkosten vanaf € 100.000,-.

Deze subsidie is alleen voor branche: Gemeentelijke overheid

Grafimedia - Subsidie printmedia opleidingen
Voor een groot deel van de printmedia opleidingen geldt een subsidie die kan oplopen tot 30% exclusief BTW. Deze korting wordt betaald uit het A&O Fonds Grafimediabranche. Ook voor opleidingen van machineleveranciers kan een subsidie worden verstrekt. De hoogte van deze subsidie kan oplopen tot 10% exclusief BTW.

Opleidingen waarop de subsidie van toepassing is betreft de volgende onderwerpen:
  • Sales en productiemanagement;
  • Vormgeven en webdesign;
  • Druktechnieken en procesoperator;
  • Nabewerkingstechnieken en procesoperator.
  • Technische en kwaliteit opleidingen
  • Taalopleidingen
  • Overige relevante opleidingen

Ook voor technische opleidingen en opleiding tot leidinggevende kan een subsidie worden verstrekt. Een overzicht van alle opleidingen die in aanmerking komen is te vinden op de website.

Deze subsidie is alleen voor branche: Grafimediabranche

Groothandel – Opleidingssubsidie GF Groothandelsfonds
Bedrijven in de GF sector zijn steeds meer actief met het opleiden van medewerkers. Het GF Groothandelsfonds wil de werkgevers meer eigen inbreng geven in de keuze van de opleiding en opleiders. Voor de volgende trainingen en opleidingen kan subsidie aangevraagd worden:
  • De functie van keurmeester is essentieel voor bedrijven in de groenten en fruit groothandelssector. Om deze reden heeft het GF Groothandelsfonds in samenwerking met de opleiders AQS Nederland BV en N&S Quality de branche opleiding keurmeester ontwikkeld. Voor deze branche opleiding is 50% subsidie van toepassing. Het gaat om de A (algemeen) en P (product) modulen, welke in het cursusaanbod op de website opgenomen zijn.
  • Voor cursussen, trainingen en opleidingen op het gebied van kwaliteit, voedselveiligheid, logistiek en commercie (incl. taaltrainingen), vergelijkbaar met het huidige aanbod gevolgd bij een andere opleider geldt een subsidie van 40%*.
  • Voor overige cursussen, trainingen en opleidingen waarvan kan worden aangetoond dat deze bedrijfsrelevant zijn geldt een subsidie van 30%*.

*Voor de laatste twee opties zal vooraf een kwaliteitscheck worden uitgevoerd door de Stichting AGF Centrum voor Kennis en Ontwikkeling. Het formulier voor deze kwaliteitscheck staat op deze website.

Deze subsidie is alleen voor branche: Groothandel

ICT - Focus op ICT in de regio Zuidoost-Brabant
Het project ‘Focus op ICT in de regio Zuidoost-Brabant’ richt zich op het ondersteunen van 100 kortdurend werklozen en werkzoekende werkenden in hun transitie naar (nieuw) werk binnen de arbeidsmarkt voor ICT’ers.
De arbeidsmarkt ICT is een groeiende sector en kent, in tegenstelling tot andere sectoren, een aantal kansrijke beroepen waar continu vraag naar is. Het is echter gebleken dat zowel werklozen, maar ook veel werkzoekende werkenden, niet voldoen aan de eisen die worden gesteld vanuit het bedrijfsleven. Als zij wél beschikken over de juiste kennis en vaardigheden zijn er op de arbeidsmarkt ICT goede perspectieven op nieuw werk.
Binnen dit traject volgen kandidaten loopbaanoriëntatie-trajecten waarmee zij inzicht verwerven in hun loopbaanmogelijkheden in ICT functies. In vervolg op de loopbaan oriëntatie krijgen kandidaten om- en bijscholing gericht op het vinden van een kansrijk ICT beroep. De om- en bijscholing wordt kosteloos ter beschikking gesteld aan de kandidaten.

Deze subsidie is alleen voor branche: Informatie- en Communicatie Technologie (ICT)

Installatietechniek - BPV voor MIT en duaal HBO
Werkgevers in de technische installatiebranche die een werknemer die een MIT (Middelbaar Installatietechnicus) of duaal HBO-bachelor opleiding in de installatietechniek volgt een beroepspraktijkvormingsplaats aanbieden, kunnen een vergoeding ontvangen.

Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen instroom en opscholing. Voor werknemers die korter dan 24 maanden werkzaam zijn bij een bij OTIB aangesloten werkgever geldt het instroomreglement. De werkgever kan een tegemoetkoming van maximaal €1.200,- ontvangen. De werknemer ontvangt een tegemoetkoming van maximaal €300,- per jaar. Voor werknemers die langer dan 24 maanden werkzaam zijn bij een bij OTIB aangesloten werkgever geldt het opscholingsreglement. De werkgever kan een tegemoetkoming van maximaal €400,- bij aanvang van de opleiding ontvangen en €800,- op basis van een diploma. De werknemer ontvangt een tegemoetkoming van €300,- (op basis van een diploma).

Deze subsidie is alleen voor branche: Installatietechniek

Installatietechniek - EVC regeling
Het Ervaringscertificaat (EVC) vertaalt de ervaring, kennis en kunde van de werknemer naar landelijk erkende kwalificaties en diploma’s. Door kennis en ervaring van werknemers in kaart te brengen, zijn werknemers flexibeler inzetbaar binnen het bedrijf.
Er zijn twee soort EVC-trajecten beschikbaar. Binnen het EVC500-traject kunnen 500 werknemers een door OTIB begeleid EVC-traject volgen. Hiervoor kunnen werkgevers tot en met 2018 een tegemoetkoming van €1.250,- ontvangen. Voor bedrijven met minder dan 50 werknemers geldt dat zij voor maximaal 25 werknemers het EVC500-budget kunnen aanvragen. Voor bedrijven met meer dan 50 werknemers geldt dat zij voor maximaal 50 werknemers het EVC500-budget mogen aanvragen.

Maakt een werkgever gebruik van de EVC-regeling zonder begeleiding van OTIB, dan kan de werkgever maximaal €500,- ontvangen per EVC-traject. Als de kosten voor het EVC-traject lager zijn, is de tegemoetkoming ook lager. Tevens geldt dat de werkgever voor de reguliere EVC-regeling per kalenderjaar voor maximaal 20% van de werknemers een EVC-traject kan declareren.

Deze subsidie is alleen voor branche: Installatietechniek

Installatietechniek - Ontwikkelings Stimulerings Regeling (OSR)
Om ontwikkeling op de werkvloer te stimuleren kent sectorfonds OTIB de Ontwikkelingsstimuleringsregeling, de OSR. De OSR is specifiek bedoeld voor trainingen, cursussen en andere scholingsactiviteiten waarbij de werkgever de scholingskosten voor zijn of haar rekening neemt. Met de OSR ontvangt het bedrijf een scholingstegoed opgebouwd uit het basisbedrag €800,- per bedrijf plus €120,- keer het aantal werknemers. De tegemoetkoming wordt toegekend na betaling van de volledige factuur voor de kosten.

Alle scholing die de werkgever of werknemer nuttig of noodzakelijk achten, komt in aanmerking voor de OSR. Alleen de verplichte cursussen VCA, BHV en EHBO zijn uitgesloten.

Deze subsidie is alleen voor branche: Installatietechniek

Metaalbewerking - Jobstart
Jobstart is een traject voor het opleiden en begeleiden van mensen, die hierdoor geschikt worden gemaakt voor een functie binnen een OOM-bedrijf.

Een Jobstart traject kan alleen worden ingezet voor kandidaten die niet direct inzetbaar zijn voor de technische functie die zij moeten gaan vervullen. Dit zijn bijvoorbeeld: werklozen, arbeidsgehandicapten, flexkrachten die doorstromen naar een arbeidscontract en andere kandidaten die, naar inzicht van de regiomanager van OOM, een afstand hebben tot de technische functie.

Het Jobstart traject omvat een opleidingsplan dat in samenwerking met de regiomanager van OOM wordt opgesteld en een vergoeding voor het opleiden en begeleiden van de kandidaat.

De vergoeding die wordt verstrekt is eenmalig €500,- voor interne scholing en begeleiding en een vergoeding van maximaal €1.500,- voor externe scholing. Onder externe scholing valt ook een EVC-traject of een assessment.

Let op: Een Jobstart traject kan worden gecombineerd met regelingen van anderen, zoals UWV of gemeenten.


Deze subsidie is alleen voor branche: Metaalbewerking

Metaalbewerking - Leerwerkbijdrage OOM - schooljaar 2018/2019
Werkgevers in de metaalbewerking die een werknemer met een (leer)arbeidsovereenkomst een beroepsopleiding laten volgen, kunnen hiervoor een bijdrage ontvangen. Het gaat hier om bij OOM aangesloten bedrijven die een leerling in dienst hebben.
De maximale bijdrage bedraagt € 2.300,- tot € 3.800,- per leerling per jaar, afhankelijk van de opleidingsroute.

Vergoedingen:
  • Mbo regulier (BOL in deeltijd): voor niveau 1 geldt een maximale bijdrage van € 2.300,- voor maximaal 1 jaar. Voor niveau 2 t/m 4 geldt een maximale bijdrage van € 4.600,- voor maximaal 2 jaar.
  • Mbo on-the-job (BBL): 1 jarige opleidingen (niveau 1), maximale bijdrage € 2.300,-. 2 jarige opleidingen (niveau 2,3, of 4), maximale bijdrage € 4.600,-. 3 jarige opleiding (niveau 3), maximale bijdrage € 6.900,-.
  • Mbo scholingspool (BBL): 1 jarige opleiding (niveau 1): maximale basisbijdrage € 2.300,- en scholingspoolbijdrage € 1.500,- per jaar. 2 jarige opleiding (niveau 2,3 of 4): maximale basisbijdrage € 2.300,- en scholingspoolbijdrage € 1.500,- per jaar. 3 jarige opleiding (niveau 3): maximale basisbijdrage € 2.300,- en scholingspoolbijdrage € 1.500,- per jaar.
  • HBO en WO opleidingen: € 2.300,- per jaar. Maximaal twee jaar.


Deze subsidie is alleen voor branche: Metaalbewerking

Metaalbewerking - Ontwikkelbudget OOM
Werkgevers in de metaalbewerking kunnen een bijdrage uit het Ontwikkelbudget aanvragen tot maximaal € 1.800,-. Het budget is 1 jaar geldig.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metaalbewerking

Metaalbewerking - Persoonlijke Trainingstoelage
Werkgevers kunnen een persoonlijke trainingstoelage aanvragen bedoeld als bijdrage voor de (bij)scholing van werknemers. De bijdrage bedraagt 50 procent van de scholingskosten per persoon tot een maximum van €750,- per jaar. Er kan een bijdrage worden aangevraagd voor maximaal 15 medewerkers of, indien dat meer is, 30% van het personeelsbestand.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metaalbewerking

Metaalbewerking - Vergoeding ervaringscertificaat (EVC) OOM
Werkgevers die hun werknemers een EVC traject aanbieden, kunnen in aanmerking komen voor een vergoeding van 50% tot maximaal € 750,- per kandidaat.
Het gaat hier om een vergoeding voor de kosten van een portfolio, rapport, beoordelingen en/of diplomering.
OOM (Opleiding Ontwikkeling Metaalbewerking) kan helpen bij het inzetten van een EVC-traject en doorverwijzen naar instellingen die een EVC-procedure uitvoeren.

Let op: EVC-trajecten voor hef-, hijs-, en takeltechniek komen niet in aanmerking voor een vergoeding.


Deze subsidie is alleen voor branche: Metaalbewerking

Metalekro - Vergoeding hbo- leervouchers (hbo-lv)
Werkgevers die hun medewerkers de mogelijkheid bieden te experimenteren met hbo-leervouchers, kunnen voor maximaal 4 modules vergoeding ontvangen. Klik hier voor een overzicht van de onderwijsinstellingen die deelnemen aan het experiment.
De vergoeding bedraagt maximaal €1.500,- per module, met een maximum van 4 modules.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalekro - Vergoeding opleiden van leerlingen (bbl)
Als werkgever ontvangt u een vergoeding voor het in dienst nemen van een leerling werknemer die een bbl-traject volgt. Hierdoor kan de werkgever in de toekomst blijven beschikken over goed opgeleide medewerker(s) voor het bedrijf. Op deze wijze laat de werkgever bbl-leerlingen bovendien kennismaken met de werkvloer en helpt mee jongeren te motiveren voor een technisch beroep.

De vergoeding bedraagt maximaal € 3.000,- per studiejaar.

De maximale duur van de vergoeding is afhankelijk van de soort opleiding.
Voor de mbo assistentopleiding (bbl-niveau I) wordt maximaal 1 jaar vergoed.
Voor de mbo basisberoepsopleiding (bbl-niveau III) wordt maximaal 2 jaar vergoed.
Voor de mbo bbl-niveau II naar III wordt maximaal 1 jaar vergoed.
Voor de mbo vakopleiding (bbl-niveau III) wordt maximaal 3 jaar vergoed.
Voor de mbo bbl-niveau III naar IV wordt maximaal 1 jaar vergoed.
Voor de mbo middenkaderopleiding (bbl-niveau IV) wordt maximaal 4 jaar vergoed.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Ontwikkelen hr-verantwoordelijke
De hr-verantwoordelijke binnen een bedrijf staat voor complexe vraagstukken rondom vergrijzing, ontgroening, automatisering en robotisering. A+O Metalektro biedt voor deze medewerkers de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen binnen deze vraagstukken. De vergoeding bedraagt 90% van de kosten voor een training, intervisie en/of individuele coaching, tot een maximum van €4.500,- per hr-verantwoordelijke.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Ontwikkelen praktijkopleider
Werkgevers kunnen (ervaren) werknemers inzetten als praktijkopleider. A+O Metalektro biedt de mogelijkheid om deze werknemers een gerichte training of opleiding aan te bieden. De vergoeding voor een externe praktijkopleiderstraining of –opleiding bedraagt maximaal €1.500,-

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Scan of advies loopbaanontwikkeling
Een scan of advies loopbaanontwikkeling kan inzicht geven in de talenten en loopbaanmogelijkheden van werknemers. A+O Metalektro stelt een vergoeding beschikbaar voor werkgevers die hun werknemers de mogelijkheid bieden om aan de slag te gaan met hun persoonlijke loopbaanontwikkeling.

De vergoeding bedraagt 90% van de externe kosten voor een loopbaanscan, -advies of -coaching, tot een maximum van €900,- per aanvraag. Er kunnen maximaal 2 aanvragen per werknemer worden ingediend.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Stagevergoeding
Werkgevers in de Metalektro die stages of praktijkplaatsen aanbieden aan leerlingen op bol- of hbo/wo-niveau, kunnen een vergoeding ontvangen van maximaal €70,- per vier weken, bij een voltijdstage van 40 uur per week. De duur van de stage is minimaal twee aaneengesloten maanden en maximaal twaalf aaneengesloten maanden. De vergoeding kan dus oplopen tot maximaal € 840,-. Indien de stagiair(e) minder uren stage loopt, wordt de vergoeding naar rato toegekend.

Er geldt een maximaal aantal te vergoeden stages per werkgever, per kalenderjaar. Voor een bedrijf minder dan 250 medewerkers worden maximaal 10 stages vergoedt, voor 250 tot 500 medewerkers zijn dit maximaal 15 stages. Voor een werkgever met 500 tot 1000 medewerkers zijn dit maximaal 20 stages en voor een werkgever met meer dan 1000 werknemers worden maximaal 30 stages vergoed.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Training functionerings- en beoordelingsgesprekken
Werkgevers kunnen met deze vergoeding leidinggevenden ondersteunen bij het kwalitatief inzetten van de gesprekscyclus en kan bij werknemers bewustwording creëren over hun eigen loopbaanontwikkeling. Daarnaast kunnen werknemers begeleid worden bij de stappen die zijn kunnen zetten in hun loopbaanontwikkeling.
De vergoeding bedraagt 90% van de opleidingskosten tot een maximum van €900,- per aanvraag. Er is ruimte voor het opleiden van circa 600 personen. U kiest zelf een uitvoerder.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Vergoeding Beroepsopleidingen (BOE) werkenden
Werkgevers in de metalektro die werknemers een deeltijd beroepsopleiding aanbieden op MBO of op HBO/WO niveau, kunnen hiervoor een bijdrage ontvangen van € 2.500,- per studiejaar, met een maximum van twee aaneengesloten studiejaren per opleiding.
Voor de assistent opleiding (MBO niveau 1), geldt de vergoeding voor één jaar.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Metalektro - Vergoeding leerplekken HBO duaal
Werkgevers die leerwerkplekken aanbieden aan leerlingen die een HBO duale opleiding volgen kunnen een vergoeding ontvangen van stichting A+O Metalektro. Deze maatregel uit het sectorplan Metalektro heeft tot doel het stimuleren van het beschikbaar stellen van extra leerwerkplekken voor leerling werknemers in het HBO. Door de cofinanciering vanuit het sectorplan kunnen werkgevers die leerwerkplekken aanbieden in aanmerking komen voor een vergoeding van maximaal € 3.000,- per studiejaar.
De maximale duur van de vergoeding door stichting A+O voor de opleding verschilt per type opleiding. Dit betreft voor het opleidingstype Associate degree (ad) en voor het opleidingstype ad naar hbo-duaal maximaal 2 jaar. Voor het opleidingstype hbo-duaal wordt maximaal 4 jaar vergoed.

Deze subsidie is alleen voor branche: Metalektro

Meubelindustrie - Bonus BBL 3
Werkgevers die zijn aangesloten bij het sociaal Fonds Meubelindustrie en premie afdragen voor medewerkers die een diploma hebben gehaald in de Beroeps Begeleidende Leerweg op niveau 3, kunnen deze medewerkers een prestatiebonus laten aanvragen. De medewerkers kunnen de prestatiebonus van €500,- zelf aanvragen bij het Expertisecentrum Meubel (ECM).

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - CNV dienstverlening geldzorgen
Werkgevers zijn verplicht om mee te werken aan de uitvoering van loonbeslagen. Dat brengt, net als ziekteverzuim, hoge kosten met zich mee. In veel bedrijven is geen specifieke kennis in huis om het groeiende probleem van financiële geldzorgen onder werknemers te voorkomen en/of indien nodig op te lossen. Daarnaast hebben financiële zorgen van werknemers een grote impact op de werkvloer. Denk aan verlies van concentratie, irritaties, ziekteverzuim en productieverlies.

Werknemers en werkgevers zijn beiden gebaat bij het voorkomen en oplossen van financiële problemen. CNV Vakmensen heeft daarom een dienstverlening ontwikkeld om geldzorgen bespreekbaar te maken en werknemers te helpen hun financiën op orde te brengen en te houden. CNV Geldzorg werkt daarom nu samen met werknemers en werkgevers in de meubelindustrie.

De dienstverlening is praktisch, voor alle werknemers, en gericht op:
  1. Voorkomen van geldzorgen en loonbeslagen.
  2. Geldproblemen bespreekbaar maken.
  3. Op orde brengen en houden van de financiën.

Werkgevers krijgen van de trainers en coaches van CNV Geldzorg middelen en activiteiten om geldproblemen te voorkomen, zorgen bespreekbaar te maken en financiën van werknemers op orde te brengen en te houden. Die middelen en activiteiten bestaan uit:
  • Workshops voor leidinggevenden
  • Informatiebijeenkomsten
  • (Online) cursussen voor werknemers
  • Individuele ondersteuning voor werknemers die financiële problemen hebben
  • Cursusmateriaal


Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Competentiemeter
Het Expertisecentrum Meubel (ECM) heeft een competentiemeter beschikbaar gesteld als hulpmiddel voor werkgevers en werknemers in de meubelindustrie. Voor bijna elke functie in de meubel- en interieurbouwbranche is een competentiemeter ontwikkeld.

De competentiemeting bestaat uit het invullen van een vragenlijst en een advies. Het invullen van de vragenlijst neemt ongeveer twintig minuten tijd in beslag en wordt door zowel de werknemer als de werkgever ingevuld. Op basis van de uitkomsten kan een ECM-adviseur een goed advies en ondersteuning geven. Met de uitkomsten van de competentiemeter kan doelgericht geschoold worden op eventuele ontbrekende aspecten van kennis, vaardigheden en gedrag. De competentiemeter kan als basis dienen voor een Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP). Ook kan blijken of de werknemer versneld een vakopleiding op een ROC kan volgen met een EVC-traject.
De competentiemeters zijn online, via de website van ECM, in te vullen. Aan het gebruik zijn geen kosten verbonden, maar de werkgever moet wel aangesloten zijn bij het Sociaal Fonds voor de meubelindustrie.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Diplomavergoeding BBL 4 en Hbo-opleidingen
Werkgevers die werknemers een BBL 4 of een HBO-opleiding laten volgen en hiervoor betalen kunnen aanspraak maken op een ‘diplomavergoeding’. Deze vergoeding bedraagt €720,- en wordt éénmalig uitgekeerd wanneer de werknemer de opleiding volledig heeft afgerond.
Indien de werknemer de opleiding zelf heeft bekostigd, wordt de diplomavergoeding aan de werknemer zelf uitgekeerd.

Let op:
Voor de Hbo-Ad Technische bedrijfskunde die bij Fontys Hogeschool Eindhoven en Hogeschool Windesheim in Zwolle gevolgd kan worden is deze diplomavergoeding niet van toepassing. Deze opleiding valt onder de Hbo-Ad Subsidieregeling.
Klik hier voor de regeling.


Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - ECM Academy
Werkgevers die zijn aangesloten bij het Sociaal Fonds Meubelindustrie en premie afdragen kunnen medewerkers cursussen en trainingen van ECM Academy aanbieden met 80% branchesubsidie.
De ECM Academy biedt een breed scala aan cursussen en trainingen voor medewerkers op ieder niveau. Er worden zowel online cursussen als praktijktrainingen aangeboden en bij de meeste cursussen/trainingen is het ook mogelijk om ze incompany aan te bieden.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - ECM Academy Online
Werkgevers die zijn aangesloten bij het Sociaal Fonds Meubelindustrie en premie afdragen, kunnen medewerkers vijf verschillende online cursussen van ECM Academy gratis aanbieden.
Een werknemer die aangemeld wordt krijgt een licentie voor één jaar om alle online-cursussen uit het pakket gratis te kunnen volgen. . Bijna alle cursussen kunnen worden afgesloten met een toets en een certificaat. Er worden vier verschillende cursuspakketten aangeboden:

- Algemeen
- Computer en taal
- Management
- Gezond en Vitaal
- Ontwikkel extra pakket

Deelnemers starten met één pakket en kunnen daarna nog een van de andere pakketten volgen. Bijna alle cursussen kunnen worden afgesloten met een toets en een certificaat.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - EVC traject
EVC (voluit: Erkennen van eerder Verworven Competenties) is hét hulpmiddel om inzicht te krijgen in de huidige kennis, vaardigheden en doorgroeimogelijkheden van medewerkers. Met EVC worden competenties, ervaringen en opleidingen van een medewerker geïnventariseerd, beoordeeld (aan de hand van de landelijke standaard voor de meubel- en interieurbouw), erkend en vastgelegd in het Ervaringscertificaat.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Hbo-Ad Technische Bedrijfskunde Subsidieregeling
Wanneer een werknemer de 2-jarige deeltijdopleiding Hbo-Ad Technische Bedrijfskunde volgt bij Fontys Hogeschool in Eindhoven of Hogeschool Windesheim in Zwolle, wordt een deel vergoed. De bedragen die per jaar vergoed worden zijn:
- Collegegeld: € 1.600,- per jaar.
- Leermiddelen: € 400,- per jaar.
Deze subsidie wordt voor maximaal 2 jaar verstrekt.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Praktijkopleider
In de meubelindustrie en interieurbouw ondersteunt een praktijkopleider de werknemers die een opleiding in de Beroepsbegeleidende Leerweg (BBL) volgen. Om als praktijkopleider erkend te worden, kan de betreffende werknemer de vierdaagse training praktijkopleider van HMC Cursus &Training volgen. Deze training kost € 1.050,- excl. BTW.
Het ECM (Expertise Centrum Meubel) vergoedt van deze cursuskosten € 890,-, en eveneens de verlet- en reiskosten. De training moet dan wel volledig doorlopen zijn.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Scan duurzame inzetbaarheid
Werkgevers in de meubelindustrie die zijn aangesloten bij het Expertisecentrum Meubel (ECM) kunnen kosteloos een Scan duurzame inzetbaarheid inzetten.

De scan duurzame inzetbaarheid is een praktisch instrument, waarmee kan worden bepaald hoe ver een bedrijf is in het ontwikkelen van beleid op het gebied van duurzame inzetbaarheid. Via de scan duurzame inzetbaarheid wordt in kaart gebracht wat de stand van zaken is en welke vervolgstappen nog kunnen worden genomen. Een adviseur van het ECM helpt bedrijven om te kijken welke concrete maatregelen kunnen worden ingezet om werknemers langer en gezonder te laten functioneren en om zodanig het gewenste ambitieniveau te realiseren.

De scan bestaat uit vier onderdelen:
  1. Vragenlijst
    Allereerst dient er vanuit de organisatie een vragenlijst ingevuld te worden over vier onderwerpen die van invloed zijn op de duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Dit zijn: 1. Organisatie & personeel, 2. Ontwikkeling van medewerkers, 3. Vitaliteit/gezondheid en arbeidsomstandigheden, 4. mobiliteit.
  2. Checklist
    De scan bevat, voor grotere bedrijven, een snelle checklist om te bepalen of de organisatie “er klaar voor is”. Er dient aangevinkt te worden hoe wordt gedacht dat de organisatie, de leidinggevenden en de medewerkers zich verhouden ten aanzien van beleid en bereidheid om met duurzame inzetbaarheid aan de slag te gaan.
  3. Achtergrondinformatie Duurzame inzetbaarheid
    In de scan is een uitleg over duurzame inzetbaarheid opgenomen.
  4. Rapportage
    Het ECM biedt de deelnemer een rapportage aan met de uitkomsten en tevens de mogelijkheden die ECM te bieden heeft als bijdrage aan de ontwikkeling.


Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Scholingssubsidie
Werkgevers in de meubelindustrie die medewerkers een cursus, training of opleiding laten volgen, komen in aanmerking voor scholingssubsidie. De gevolgde training of scholing kan variëren maar moet wel altijd gericht zijn op de (toekomstige) functie van de medewerker.

Per werknemer wordt per jaar het volgende vergoed:
  • cursuskosten: maximaal € 10,00 per uur / € 80,- per dag;
  • maximale vergoeding per werknemer per jaar: € 720,00.
  • voor cursussen en/of opleidingen van langer dan 1 jaar wordt slechts éénmaal subsidie van € 720,00 uitgekeerd.
  • voor schriftelijke cursussen wordt éénmalig een subsidie van maximaal € 720,00 uitgekeerd per jaar (75% van de cursuskosten)


Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Scholingssubsidie 50plus
Om het voor bedrijven financieel aantrekkelijk te maken om ook oudere medewerkers te scholen stelt Expertise Centrum Meubel (ECM) een ruimere versie van de scholingssubsidieregeling ter beschikking voor medewerkers van 50 jaar en ouder.

Met de 50plus regeling worden de cursuskosten voor 80% vergoed, met een maximum van € 720,- per medewerker per jaar. De gevolgde training of scholing kan variëren maar moet wel altijd gericht zijn op de (toekomstige) functie van de medewerker.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Vereveningsbijdrage BBL niveau 3
Werkgevers in de meubelindustrie die een werknemer een opleiding op BBL niveau 3 aanbieden, kunnen in aanmerking komen voor de vergoedingsregeling voor het loonverlet BBL3.
Per werknemer worden de werkelijk verzuimde uren vergoed (bruto uurloon excl. werkgeverslasten).

Per werknemer wordt het volgende vergoed:
  • Er wordt uitgegaan van 48 gevolgde schooldagen. Per schooldag wordt het bruto uurloon vergoed met een toeslag van 25% voor vakantietoeslag, pensioen en sociale lasten.
  • Dagen waarop door omstandigheden geen scholing is gevolgd worden van de 48 dagen afgetrokken.
  • Het bruto uurloon dat wordt vergoed is bepaald op het CAO loon, salarisschaal B1.


Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Meubelindustrie - Werkvermogensmonitor
De WerkVermogensMonitor® is een wetenschappelijk onderbouwde methode waarmee door middel van een snel en gemakkelijk in te vullen vragenlijst inzicht wordt gegeven in de productiviteit, gezondheid en inzetbaarheid van medewerkers. Met deze methode is uitval te voorspellen én te voorkomen.

De WerkVermogensMonitor® bestaat uit een vragenlijst van ongeveer 10 minuten die door de werknemers wordt ingevuld; een groepsrapportage bij minimaal 10 deelnemers; en eventueel aanvullend onderzoek voor medewerkers met een laag werkvermogen met daaruit volgend een individueel plan van aanpak.

Deze subsidie is alleen voor branche: Meubelindustrie

Mobiliteitsbranche - Bijscholing voor leermeesters
Leermeesters hebben een groot aandeel in de opleiding van leerlingen. Bijscholing voor leermeesters is beschikbaar op verschillende onderwerpen. Op bijscholingen door Innovam is een subsidie beschikbaar vanuit OOMT (Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Motorvoertuigenbedrijf en Tweewielerbedrijf). De hoogte van de subsidie is afhankelijk van de soort opleiding.
De vorm van de bijscholing kan wisselen van E-learning tot training of een combinatie van beiden. Als bijscholing zijn de volgende trainingen beschikbaar:
- Hoe selecteer ik de beste leerling (evt. inclusief praktijk)?
- Hoe combineer ik mijn werk met mijn taken als leermeester?
- Hoe draag ik kennis en vaardigheden over aan leerlingen?
- Hoe beoordeel ik mijn leerling?
- Hoe ga ik om met leerlingen met een leer- en gedragsstoornis?
- Hoe werk ik samen met jonge collega’s?
- Hoe ziet het onderwijs in de mobiliteitsbranche er uit?
- Omgaan met je leerling, wat werkt en wat niet.

Deze subsidie is alleen voor branche: Mobiliteitsbranche

Mobiliteitsbranche - EVC-traject
Werkgevers in de mobiliteitsbranche kunnen hun medewerkers kosteloos een EVC-traject aanbieden. Met het EVC krijgt de werkgever snel inzichtelijk wat de kwaliteiten zijn die de werknemer in de loop der jaren heeft opgedaan. Het maakt zichtbaar wat in de praktijk is geleerd.

De werknemer krijgt een EVC-traject aangeboden bij het IBKI (Examinering en certificering voor de mobiliteitsbranche). Deze procedure is er voor technici in de auto-, bedrijfsauto- en tweewielerbranche. Daarnaast is EVC er ook voor receptie- en verkoopmedewerkers in de mobiliteitsbranche.

Dit EVC-traject is ontwikkeld in opdracht van OOMT. OOMT vergoedt de volledige kosten van het EVC-traject.

Deze subsidie is alleen voor branche: Mobiliteitsbranche

Mobiliteitsbranche - Leermeesteropleiding
Werkgevers in de Mobilliteitsbranche kunnen een medewerker scholen tot leermeester. Het deskundig begeleiden van een leerling is een specifieke vaardigheid. Op Leermeesteropleidingen door Innovam is een subsidie beschikbaar vanuit OOMT (Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Motorvoertuigenbedrijf en Tweewielerbedrijf).

De vorm van de opleiding wisselt, afhankelijk van het type leermeester. De volgende opleidingen zijn beschikbaar:
- Leermeester op de werkplaats.
- Leermeester in een tweewielerbedrijf.
- Leermeester in Management Sales.
- Leermeester in een tankstation en wasbedrijf.

De hoogte van de subsidie vanuit OOMT is afhankelijk van de opleiding die wordt gevolgd.

Deze subsidie is alleen voor branche: Mobiliteitsbranche

Mobiliteitsbranche - Subsidie Regionale Praktijktraining (RPT)
Werkgevers in de Mobiliteitsbranche kunnen hun leerling-werknemers laten deelnemen aan een regionale praktijktraining (RPT) bij Innovam. In de RPT wordt praktijktraining en aanvullende theorie gegeven over een specifiek onderdeel van de autotechniek. Op RPT door Innovam is een subsidie beschikbaar vanuit OOMT (Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Motorvoertuigenbedrijf en Tweewielerbedrijf).

De RPT is beschikbaar voor elk niveau. De volgende RPT zijn beschikbaar:
- Personenauto Onderhoud
- Personenauto Reparatie
- Personenauto Diagnose
- Bedrijfsauto Onderhoud
- Bedrijfsauto Reparatie
- Bedrijfsauto Diagnose
- Diagnose Gevorderd
- Verbrandingsmotortechnicus
- Fietstechnicus en Eerste Fietstechnicus

De hoogte van de subsidie vanuit OOMT is afhankelijk van de RPT die wordt gevolgd.

Deze subsidie is alleen voor branche: Mobiliteitsbranche

Onderwijs - Cultuureducatie vmbo, praktijkonderwijs en vso
Met de subsidieregeling Cultuureducatie vmbo en praktijkonderwijs wil het Fonds voor Cultuurparticipatie samen met het Prins Bernhard Cultuurfonds cultuureducatie in het vmbo, praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs (vso) stimuleren.
Subsidie kan worden verstrekt voor het ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten op het gebied van cultuureducatie gericht op de culturele ontwikkeling van leerlingen in het vmbo, het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs. Hiervoor werken een culturele instelling en een school in co-creatie samen om minimaal 2 schooljaren op regelmatige basis culturele activiteiten te ontwikkelen en uit te voeren. Het project mag in totaal maximaal drie schooljaren duren en start in het schooljaar 2017-18.
De beschikbare subsidie per aanvraag bedraagt minimaal €25.000 en maximaal €80.000 voor het gehele project. De subsidie is maximaal 50% van de begroting (variabele projectkosten). Dat betekent dat de totale projectkosten voor het project minimaal €50.000 en maximaal €160.000 kunnen zijn. De onderwijsinstelling draagt ten minste 10% zelf bij aan de benodigde middelen voor het project.
Het budget voor deze regeling is € 1,7 miljoen. Aanvragen worden op volgorde van binnenkomst behandeld totdat het subsidieplafond bereikt is.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Erkenning bekwaamheid voortgezet onderwijs
Leraren in het voortgezet onderwijs (vo) moeten bevoegd zijn om les te kunnen geven, of ze moeten zo snel mogelijk de vereiste bevoegdheid halen. Het kan echter ook zo zijn dat er geen lerarenopleiding bestaat die opleidt tot de lesbevoegdheid van bepaalde vakken. Voor deze uitzonderingen is de regeling ‘Erkenning bekwaamheid voortgezet onderwijs’ ingesteld. Met deze regeling kan het bevoegd gezag van een school erkenning aanvragen voor de lesbevoegdheid van een leraar in het betreffende vak.

De erkenning kan echter wel alleen aangevraagd worden voor een niet-schooleigen vak. Een niet-schooleigen vak is een algemeen gebruikelijk vak waarvan de overheid de omvang en de inhoud bepaalt. Voor een niet-schooleigen vak is een landelijk examenprogramma vastgesteld.
De betrokkene of het bevoegd gezag, namens de betrokkene, dient een aanvraag voor een ontheffing of bekwaamheidserkenning in via de website van DUO. Bij de aanvraag moeten alle bewijsstukken verzameld worden. Hieronder vallen:
  1. Het schoolplan.
  2. Een verklaring van het bevoegd gezag dat de leraar pedagogisch-didactisch bekwaam is.
  3. Voldoet de leraar aan een situatie uit de kolom bekwaamheid in de beleidsregel erkenning bekwaamheid leraar? wetten.overheid.nl/BWBR0038570/2017-05-18). Dan dienen ook de bewijsstukken die daarbij vermeld staan worden verzameld en meegestuurd.
  4. Alle bewijsstukken waaruit blijkt dat de leraar vakinhoudelijk, vakdidactisch en pedagogisch-didactisch bekwaam is.


Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Impuls muziekonderwijs
Met de subsidieregeling Impuls muziekonderwijs van het Fonds voor Cultuurparticipatie kunnen basisscholen investeren in meer en beter muziekonderwijs.
Het doel van deze regeling is het verstrekken van projectsubsidies voor het realiseren van een duurzame inbedding van kwalitatief goed muziekonderwijs in het primair onderwijs. Om dit doel te realiseren wordt met de subsidie ingezet op deskundigheidsbevordering van de mensen die voor de klas staan, het structureel verzorgen van muziekonderwijs onder schooltijd en het vormen van verbindingen tussen binnenschoolse en buitenschoolse muziekeducatie.
Het schoolbestuur kan een aanvraag voor subsidie indienen wanneer zij middels deze regeling zullen werken aan drie onderdelen:
  1. Het vergroten van de muziek pedagogische en didactische kennis en vaardigheden van de leraren die voor de klas staan;
  2. Het structureel verzorgen van muziekonderwijs onder schooltijd in alle leerjaren;
  3. Het verbinden van het aanbod van binnenschoolse en buitenschoolse muziekeducatie.

De subsidie wordt verstrekt voor drie schooljaren. De hoogte van het subsidiebedrag is afhankelijk van het aantal leerlingen en kent de volgende indeling:
Locaties tot en met 99 leerlingen: € 10.000,
Locaties tussen de 100 en 199 leerlingen: € 15.000,
Locaties met 200 leerlingen of meer: € 20.000.

De school dient zelf voor hetzelfde bedrag bij te dragen. Hiervan mag maximaal 60% worden ingebracht door inzet van uren van eigen personeel.

De aanvraagperiode voor programma’s die starten in schooljaar 2018-2019 loopt van 2 oktober 2017 tot 1 april 2018. Het budget voor de deze ronde bedraagt €5.000.000,-. Volledige aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Leraren Ontwikkel Fonds
Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft samen met de Onderwijscoöperatie de subsidieregeling het Leraren Ontwikkel Fonds (LOF) opgezet. Met het LOF wordt ingezet op stimulering van de positie van leraren, en op verbinding van leraren uit verschillende sectoren met oog voor vernieuwing. Ze kunnen aan de slag met hun eigen innovatief idee. Leraren worden zo in staat gesteld om zelf aan onderwijsontwikkeling te werken en elkaar door netwerkvorming te versterken.

Leraren met een goed initiatief kunnen een aanvraag indienen. Het LOF ondersteunt leraren bij het uitwerken van hun initiatief en zorgt dat de deelnemers van en met elkaar kunnen leren. Iedere aanvraag wordt op vier punten beoordeeld:
  1. De mate waarin de activiteiten bijdragen aan de ontwikkeling van het onderwijs en/of de mate waarin de activiteiten innovatief en creatief zijn binnen de context waar de leraar werkzaam is.
  2. De mate waarin de leraar en de leraren in zijn directe omgeving een leerproces gaan doormaken en/of de mate waarin de activiteiten bijdragen aan de versterking van de beroepsgroep.
    >LI>De mate waarin de activiteiten door de leraar zelf worden uitgevoerd.
  3. De kosten van de activiteiten staan in redelijke verhouding tot de voorgenomen doelstellingen en de daarvan te verwachten resultaten.

Indien de aanvraag op één van deze punten onvoldoende wordt bevonden, wordt de aanvraag afgewezen.
Nadat de aanvraag is beoordeeld en goedgekeurd krijgt de deelnemer een jaar lang ondersteuning in de vorm van:
  • Een financiële bijdrage van minimaal € 4.000,- en maximaal € 75.000,-. Dit kan ingezet worden om bijvoorbeeld uren vrij te kopen waarin wordt gewerkt aan de ontwikkeling van het initiatief.
  • Drie verplichte LOFLabs: leerbijeenkomsten waarop alle deelnemers aan het LOF samen komen om van en met elkaar te leren. De Labs vormen een springplank die ervoor zorgt dat het initiatief en de eigen ontwikkeling in een versnelling komen.
  • Facultatieve regionale LerarenLabs, waarin deelnemers collega-deelnemers en coaches ontmoeten die kunnen helpen bij de verdere ontwikkeling van het initiatief.
  • Coaching in kleine groepjes door een ervaren coachteam bestaande uit leraren.
  • Een podium om het eigen initiatief met een groter publiek te delen, bijvoorbeeld tijdens het jaarlijkse lerarencongres.
    In het schooljaar 2017/2018 kunnen leraren uit het PO, SO, VO en VSO medio januari 2018 weer een aanvraag indienen om in aanmerking te komen voor subsidie en begeleiding.


Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs, Primair onderwijs

Onderwijs - Regeling subsidie korte scholingstrajecten voortgezet onderwijs
In het Nationaal Onderwijsakkoord is afgesproken dat alle lessen in het voortgezet onderwijs (vo) vanaf het najaar van 2017 worden gegeven door bevoegde leraren. Om deze ambities waar te kunnen maken kunnen schoolbesturen vanaf 2017 subsidie aanvragen voor een aantal korte scholingstrajecten voor vmbo-docenten.

De subsidie kan aangevraagd worden voor personen die willen gaan werken in het vo of reeds werken in het vo maar hier nog niet de juiste bevoegdheid voor hebben. De te volgen scholingstrajecten leiden op tot het verwerven van de bekwaamheid die nodig is voor het lesgeven in het vo.

Het subsidiebedrag dat in 2017 en 2018 zal worden verstrekt wordt vastgesteld op een bedrag dat gelijk is aan de kosten met een maximum van € 6.000,- per aanvraag. In 2019 wordt de subsidie vastgesteld op een bedrag dat gelijk is aan tachtig procent van de kosten met een maximum van € 6.000,- per aanvraag.

Scholingstrajecten waarvoor subsidie kan worden aangevraagd:

  • Scholingstraject dat toegankelijk is voor personen die de pabo met goed gevolg hebben afgerond, en die gericht is op het verkrijgen van een bekwaamheid om les te geven in de onderbouw van de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen van het vmbo.
  • Educatieve modules. Enkele onderwijsinstellingen experimenten op grond van artikel 27 van het Besluit flexibel hoger onderwijs met educatieve modules voor personen die al in het bezit zijn van een universitair bachelor getuigschrift.
  • Een van de trajecten die staan in kolom I en II van bijlage 1 en 2 van de Beleidsregel ontheffing benoembaarheidsvereisten en bekwaamheidserkenning voortgezet onderwijs.
    Beleidsregels: www.wetten.overheid.nl/BWBR0038570/2017-05-18#BijlageI)
  • Een van de scholingstrajecten die staan in kolom V van de Regeling conversietabel getuigschriften en vakken voortgezet onderwijs.
    Regeling: www.wetten.overheid.nl/BWBR0031802/2017-05-18


Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Schoolleiderstegemoetkoming
Een schoolleider kan namens het bevoegd gezag van een school subsidie aanvragen voor de kosten van zijn of haar vervanging tijdens het volgen van een masteropleiding. De subsidie is bedoeld voor de vervangingskosten van de betreffende schoolleider voor ten hoogste 640 studieverlofuren gedurende twee studiejaren. Het bedrag per studieverlofuur bedraagt € 49,- per uur voor het basisonderwijs, tot een maximum van €31.360,-. Het bedrag per studieverlof voor het (voortgezet) speciaal onderwijs bedraagt €53,- per uur, tot een maximum van €33.920,-.

De aanvraag kan worden ingediend van 1 april tot en met 15 oktober, voorafgaand aan de opleiding.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Subsidie Lerend Werken primair onderwijs
Besturen en scholen in het primair onderwijs vinden het belangrijk dat hun medewerkers op een gezonde manier en met plezier kunnen werken, nu en in de toekomst. Want dat is goed voor de medewerkers, de kinderen en de kwaliteit van het onderwijs, maar ook voor een financieel gezonde organisatie. Het is voor besturen en scholen dus van belang dat zij grip krijgen en/of houden op het (ziekte)verzuim.
Het doel van de subsidie Lerend Werken is schoolleiders in de eigen werkomgeving te ondersteunen in hun verdere professionalisering op het gebied van de verzuimaanpak op hun school.
De subsidie kan aangevraagd worden voor een persoonlijk coaching on the job traject. Dit traject richt zich dan op de professionele ontwikkeling van de schoolleider op het gebied van de verzuimaanpak op school. Via de subsidie wordt 80% van de kosten van het coaching traject vergoed, met een maximum van € 2.500,- per schoolleider.

Let op: Deze regeling kent een subsidieplafond.


Deze subsidie is alleen voor branche: Primair onderwijs

Onderwijs - Subsidie Zij-instroomregeling
Schoolbesturen die personen in staat stellen om via een zij-instroomtraject binnen twee jaar een bevoegdheid te halen, kunnen nu een bijdrage in de kosten aanvragen.
Het zij-instroomtraject is bedoeld voor mensen die een baan hebben gevonden in het voortgezet onderwijs maar nog niet bevoegd zijn voor het juiste vak. Na een geschiktheidsonderzoek krijgt de kandidaat in overleg met de werkgever een passend scholingstraject.
Vanaf 1 september 2017 is het ook mogelijk om de subsidie aan te vragen voor mensen die al een bevoegdheid hebben. Het wordt zo mogelijk om de overstap te maken vanuit het po naar het vo. Ook wordt het mogelijk om met de zij-instroomregeling een andere bevoegdheid te halen.
De zij-instroom subsidie bedraagt €20.000 per zij-instromer. De subsidie is bestemd voor het schoolbestuur dat de zij-instromer aanneemt. Het bedrag dient te worden ingezet voor de kosten die betrekking hebben op het zij-instroomtraject. Kosten die hieronder vallen zijn:
  • het geschiktheidsonderzoek
  • scholingskosten
  • begeleidingskosten
  • studieverlof (vervangingskosten)

De subsidie wordt maar 1 keer per zij-instromer verstrekt en kan pas worden aangevraagd nadat de zij-instromer is begonnen met de scholing. De aanvragen worden toegekend op volgorde van binnenkomst, totdat het subsidieplafond is bereikt. Voor elke onderwijssector is er een vast bedrag aan subsidie. Op 15 oktober 2017 wordt gekeken of het budget van elke sector volledig is benut. Als er budget over is in 1 van de sectoren, dan wordt dit evenredig verdeeld over de sectoren waar aanvragen zijn afgewezen omdat het subsidieplafond is bereikt.

Let op: Het subsidieplafond voor mbo is bereikt. Na 15 oktober 2017 kijkt DUO (Dienst uitvoering onderwijs) of herverdeling van subsidie mogelijk is.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Onderwijs - Subsidieregeling opleiding cultuurbegeleider primair of speciaal onderwijs
Om de verankering van cultuureducatie in het onderwijs een impuls te geven is de subsidieregeling opleiding cultuurbegeleider ingesteld. Met behulp van deze subsidieregeling kunnen cultuurcoördinatoren en leerkrachten die deze werkzaamheden uitvoeren zich verder professionaliseren tot cultuurbegeleider. De opleiding tot cultuurbegeleider stelt leraren in staat inhoudelijke kennis op het gebied van cultuuronderwijs te verwerven, een leerlijn te ontwikkelen, cultuuronderwijs te verzorgen en eventueel collega’s te begeleiden.

Op grond van deze regeling kunnen twee subsidies worden aangevraagd:
  1. Subsidie voor studiekosten
    De leraar kan ten eerste subsidie ontvangen voor het volgen van een opleiding tot cultuurbegeleider. Deze subsidie bestaat uit een vergoeding voor cursusgeld (tot een maximum van € 3.000), studiemiddelen (tot een maximum van € 175) en reiskostenvergoeding (tot een maximum van € 300) en wordt uitgekeerd aan de leraar.

  2. Subsidie voor vervangingskosten
    Ten tweede kan voor de werkgever subsidie worden aangevraagd als tegemoetkoming in de vervangingskosten voor het volgen van een opleiding tot cultuurbegeleider. De werkgever kan met behulp van deze subsidie taken van de leerkracht in opleiding overdragen aan een andere leerkracht, of de arbeidsomvang van de betreffende leraar tijdelijk uitbreiden. Deze subsidie kan voor ten hoogste 72 uur worden verstrekt. Het subsidiebedrag voor vervangingskosten bedraagt ten hoogste € 37,79 per uur in het primair onderwijs en ten hoogste € 39,58 per uur in het speciaal onderwijs. Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.


Let op: deze subsidieregeling kent een subsidieplafond van
€ 950.000,- per kalenderjaar. Hoe eerder de subsidie wordt aangevraagd, hoe meer kans op toekenning.


Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs, Primair onderwijs

Onderwijs - Tegemoetkoming leraren
Studenten, zij-instromers en contractanten die een lerarenopleiding volgen voor een eerste- of tweedegraads bevoegdheid of een pabo-opleiding en geen recht (meer) hebben op studiefinanciering, ook niet in de vorm van een lening, kunnen een tegemoetkoming leraren aanvragen.
De tegemoetkoming leraren is een gift en bestaat uit een vergoeding voor het cursus- of collegegeld en de schoolkosten. De maximale tegemoetkoming bedraagt € 567,23 voor het cursus- of collegegeld en € 735,89 voor de schoolkosten.
De daadwerkelijk hoogte van de tegemoetkoming is afhankelijk van het inkomen van de kandidaat én diens partner. Hierbij gaat het standaard om het inkomen van twee jaar geleden, maar mocht het inkomen daarna sterk gedaald zijn dan kan gevraagd worden een recenter jaar als peiljaar te nemen. Het gezamenlijk inkomen mag niet hoger zijn dan € 34.194,51.

Wanneer de kandidaat of dienst partner een uitkering heeft kan ook aanspraak gemaakt worden op de tegemoetkoming. Ook bij inkomen uit een uitkering geldt dat dit inkomen niet hoger mag zijn dan € 34.194,51.

Let op: De tegemoetkoming leraren kan niet tegelijk worden ingezet met de lerarenbeurs en de tegemoetkomingen onderwijsmasters.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs, Primair onderwijs

Onderwijs - Vrij roosteren leraren 2017-2019
De subsidie ‘Vrij roosteren leraren’ is bedoeld voor het professionalisering van leraren en het gericht ondersteunen van achterstandsleerlingen. Met de subsidie kunnen leraren twee jaar vrij worden geroosterd voor deelname aan coachingsactiviteiten en voor intensieve begeleiding van leerlingen. Er kan ook subsidie worden aangevraagd voor onderwijsontwikkeling en -innovatie voor achterstandsleerlingen. Hieraan mag dan maximaal 20% van de tijd worden besteed. De subsidie dient verder ingezet te worden voor de vervanging van leraren en de eventuele inhuur van een externe coach.
De subsidie is voor scholen in het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs met een bepaald percentage achterstandsleerlingen:
• In het primair onderwijs zijn dit vestigingen met minimaal 30% tot maximaal 50% “gewichten-leerlingen” op 1 oktober 2016.
• In het voortgezet onderwijs gaat het om leerlingen uit een armoedeprobleem cumulatiegebied (apc-gebied). Het zijn vestigingen die voor Leerplusbekostiging 2016 in aanmerking kwamen. Er is ook een bovengrens van apc-leerlingen per vestiging van 50% voor VMBO, 70% voor HAVO en 85% en voor VWO.
Het bevoegd gezag kan ervoor kiezen om leraren van meerdere scholen deel te laten nemen aan de activiteiten. In dat geval moet ten minste één van de scholen voldoen aan deze voorwaarde.
Er is een budget van € 5.816.000,- beschikbaar voor de schooljaren 2017-’18 en 2018-’19. Er worden 10 bevoegde gezagen in het primair onderwijs en 10 bevoegde gezagen in het voortgezet onderwijs geselecteerd. De subsidie is maximaal € 290.800,- per bevoegd gezag voor twee schooljaren. Voor elke categorie gemeente (G4, G33 en overig) is echter een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Bij overschrijding hiervan wordt de toewijzing van de subsidie bij loting bepaald.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs, Primair onderwijs

Rijksoverheid - Subsidieregeling Teambeurs primair onderwijs
De subsidieregeling Teambeurs primair onderwijs heeft als doelstelling kennis en competenties van masteropgeleide leraren meer en duurzamer in te zetten ten behoeve van schoolontwikkeling.
Een ontwikkelingsvraagstuk van de school en/of het bevoegd gezag is het vertrekpunt voor het volgen van een masteropleiding. Leraren volgen met subsidie een masteropleiding in teamverband waardoor zij samen kunnen reflecteren en ook na de opleiding een kritische vriend hebben binnen de school of het schoolbestuur. Gedurende een jaar na de opleiding krijgen de leraren vanuit de Teambeurs tijd om aan het ontwikkelvraagstuk te werken. Ook andere leraren in het schoolteam, die geen master volgen, kunnen met deze subsidie meer betrokken worden in het leerproces en de schoolontwikkeling.
De subsidieregeling bestaat uit twee onderdelen waarvoor apart subsidie aangevraagd kan worden:
  1. Subsidie voor het volgen van een Master in teamverband en kennisinbedding. Hierbij worden de volgende kosten gedekt:
    a) per leraar de kosten van het verschuldigd collegegeld tot een maximum van € 7.000,00 per studiejaar;
    b) per leraar de kosten van studiemiddelen van 10% van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van € 350,00 per studiejaar;
    c) per leraar reiskosten van 10% van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van €350,00 per studiejaar;
    d) per leraar ten hoogste 320 studieverlofuren per jaar voor een voltijdsaanstelling, of voor een deeltijdsaanstelling een evenredig deel per studiejaar;
    e) per leraar ten hoogste 160 uren voor de implementatie van kennis door de masteropgeleide leraar.
    Bij de studieverlofuren en uren voor de implementatie (punten d en e), bedraagt de subsidie €37,70 per uur voor leraren uit het po en €39,58 voor leraren uit het so en vso.
  2. Subsidie voor het samen met het opleidingsinstituut ontwikkelen van een nieuwe masteropleiding die gericht is op teams van leraren en teamontwikkeling. De vergoeding voor dit onderdeel bedraagt maximaal € 150.000,-
    Er worden twee aanvraagperioden georganiseerd. De eerste aanvraagperiode start op 1 mei 2017 en loopt tot en met 15 oktober 2017. De tweede aanvraagperiode loopt vanaf 1 april 2018 tot en met 15 oktober 2018. Aanvragen die buiten deze aanvraagperioden worden ingediend worden afgewezen.

Let op: Deze regeling kent een subsidieplafond. Hoe eerder de subsidie wordt aangevraagd, hoe meer kans op toekenning.

Deze subsidie is alleen voor branche: Onderwijs

Scheepvaart - Studiekostenvergoeding
Werkgevers onder de werkingssfeer van het O&O-fonds Zeescheepvaart kunnen een tegemoetkoming in de studiekosten ontvangen. Jaarlijks wordt vastgesteld welke cursussen hiervoor in aanmerking komen. De tegemoetkoming bedraagt 40% van de genormeerde cursuskosten.

Klik hier voor een overzicht van de cursussen voor het jaar 2018.

Deze subsidie is alleen voor branche: Scheepvaart

Schoonmaak- en Glazenwassersbranche - Bijdrage in de opleidingskosten
Werkgevers in de schoonmaak- en glazenwassersbranche kunnen een bijdrage in de kosten ontvangen voor een (vak)opleiding die werknemers hebben gevolgd. Deze bijdrage is bedoeld als tegemoetkoming in de opleidings- en verletkosten. Jaarlijks wordt vastgesteld welke opleidingstrajecten in aanmerking komen voor een bijdrage en hoeveel de bijdrage bedraagt per werknemer.

De bijdrage in de opleidingskosten is een vast (netto) bedrag per werknemer. De bijdrage is afhankelijk van de opleiding en kan variëren van €140,- tot €1.400,-.

Deze subsidie is alleen voor branche: Schoonmaak- en Glazenwassersbranche

Slagersbedrijf - Opleidingssubsidie BBL
De Stichting Opleidingsfonds Slagersbedrijf (Sovvb) verleent subsidie voor de kosten van BBL-opleidingen. De subsidie vergoed kosten van cursusgeld, licentie, boeken en materialen. Daarnaast is er een diplomasubsidie. Deze is bestemd voor de werkgever.

De subsidie voor cursusgeld bedraagt 100%. De subsidie voor de licentie, boeken en materialen bedraagt ook 100%, maar dan tot een bepaald maximum. De maximale subsidie voor BBL-niveau 1 is €172,-, voor BBL-niveau 2 is dit €593,- en voor BBL-niveau 3 en 4 is de maximale subsidie €361,-. De diplomasubsidie bedraagt €460,- per diploma.

Let op:
Er wordt geen subsidie meer verstrekt voor examenmateriaal


Deze subsidie is alleen voor branche: Slagersbranche

Slagersbedrijf - Opleidingssubsidie cursussen
De Stichting Opleidingsfonds Slagersbedrijf (Sovvb) verleent subsidie voor de kosten van cursussen en trainingen. De subsidie vergoed cursuskosten en verleturen. Er wordt 75% van de cursuskosten excl. btw met een maximumbedrag van €345,- per deelnemer per cursus vergoed na afronding van de cursus.
Verleturen (gebaseerd op het bruto uurloon en maximaal 7,6 arbeidsuren per werkdag) wordt na afronding van de cursus vergoed, met een maximum van 2 werkdagen per medewerker per kalenderjaar, tenzij het bestuur op basis van een door de werkgever vóór aanvang van de cursus ingediend opleidingsplan of ingediende subsidieaanvraag anders beslist.

Deze subsidie is alleen voor branche: Slagersbranche

Slagersbedrijf - Subsidie EVC-traject
De Stichting Opleidingsfonds Slagersbedrijf (Sovvb) verleent subsidie voor de kosten van een EVC-traject. Er wordt maximaal € 300,- per deelnemer per volledig uitgevoerd EVC-traject vergoed. De uitbetaling vindt plaats na afronding van het traject.

Deze subsidie is alleen voor branche: Slagersbranche

Taxibranche - Vitaliteitsprogramma ‘Fit op de rit’
Het Sociaal Fonds Taxi (SFT) wil werkgevers en werknemers in de taxisector nog meer bewust maken van het grote belang van gezonde en vitale medewerkers in taxibedrijven. In samenspraak met de arbocoach van SFT kunnen werkgevers een vitaliteitsprogramma op maat samenstellen. Zij kunnen een keuze maken uit diverse modules van de ‘Fit op de rit kit’. Dit betreft een keuzeprogramma wat vooraf in overleg met het bedrijf op maat wordt gemaakt.
Het basisprogramma van ‘fit op de rit’ wordt geheel kosteloos aangeboden. Het SFT maakt het zo voor werkgevers aantrekkelijk om een vitaliteitsprogramma op te stellen. Het basisprogramma kent de volgende onderdelen:
  • Individuele healthchecks (0- en 1-meting), inclusief toelichting en advies;
  • Workshop ‘7 belangrijke stappen voor een GEZONDER en VITALER leven’;
  • Zitdemo chauffeurswerkplek òf Zitdemo beeldschermwerkplek.


Werkgevers kunnen het programma verder verdiepen met de volgende optionele onderdelen:

  • Verdiepende workshops: slapen en energiemanagement; voeding een bron van energie; haal meer succes uit stress.
  • Coaching gesprekken met een Vitaliteitscoach.
  • Vitaliteit Challenges (werknemers worden uitgedaagd tot het bedenken en uitvoeren van een groepsactiviteit die past in het thema).


Deze subsidie is alleen voor branche: Openbaar vervoer

Taxibranche - Werkvermogensmonitor
Het Sociaal Fonds Taxi (SFT) wil werkgevers in de taxisector ondersteunen bij het opzetten van een proactief verzuimbeleid. Het SFT stelt daarom de WerkVermogensMonitor beschikbaar aan werkgevers binnen de taxisector. Dit is een wetenschappelijk onderbouwde methode, ontwikkeld door Preventned i.s.m. de Erasmus Universiteit, waarmee inzicht wordt gegeven in de productiviteit, gezondheid en inzetbaarheid van medewerkers.
De WerkVermogensMonitor bestaat uit een vragenlijst en daaruit voortvloeiend een rapportage. De vragenlijst is opgebouwd uit vragen met betrekking tot de items: functie, werkomstandigheden, leefstijl, productiviteit en werkvermogen.
De uitslag van de vragenlijst resulteert in:
  1. Individuele rapportage, die direct na invulling via Internet is in te zien.
  2. Groepsrapportage aan directie en OR-PVT (indien aanwezig) ongeveer 4 weken na het onderzoek.

De privacy van de medewerkers is gewaarborgd via inlogcodes en een login-naam. De analyse van de resultaten vindt plaats in samenwerking met de Erasmus Universiteit. Het SFT neemt de kosten voor het vragenlijstonderzoek en de individuele rapportages voor haar rekening. De kosten voor eventuele groepsrapportages, aanvullende onderzoeken en eventuele vervolgacties en/of interventies e.d. zijn voor rekening van het bedrijf.

Deze subsidie is alleen voor branche: Beveiligingsbranche, Openbaar vervoer

Textielgroothandel - Scholingssubsidie
Het Fonds Kollektieve Belangen (FKB) voor de textielgroothandel kent een subsidieregeling voor scholing. Doel van het subsidiebeleid is om vakopleidingen te subsidiëren die werknemers stimuleren in hun verdere professionele ontwikkeling. Daarnaast komen opleidingen en cursussen in aanmerking voor subsidie die niet direct gerelateerd zijn aan de functie van de werknemer, maar die wel ten goede komen aan de employability van de werknemer. Zo kan een breed scala aan scholing gesubsidieerd worden, zolang de scholing maar voldoet aan de door het FKB gestelde voorwaarden.
De kosten voor scholing en cursussen worden vergoed via het FKB. Het maximale bedrag aan subsidie is vastgesteld op € 1.750,- per werknemer per jaar. Indien er sprake is van een groepsopleiding bedraagt de subsidie maximaal 50% van de opleidingskosten met als maximum € 1.750,- per werknemer. Er is sprake van een groepsopleiding als 5 personen of meer dezelfde opleiding volgen waarbij de inrichting van de opleiding niet relevant is.

Deze subsidie is alleen voor branche: Textielgroothandel

Timmerindustrie - EVC regeling
Werkgevers in de Timmerindustrie kunnen voor hun werknemers een EVC-traject inzetten. EVC staat voor het Erkennen van Verworven Competenties. Kennis en vaardigheden van de medewerker worden getoetst en omschreven zodat hiermee werk- en denkniveau aangetoond kan worden. Dit wordt vastgelegd in een ervaringscertificaat. Werkgevers kunnen hiervoor een subsidie ontvangen.

Indien de werkgever onder de cao Timmerindustrie valt, worden de kosten (excl. btw) 100% gesubsidieerd door de SSWT (Stichting Sociaal en Werkgelegenheidsfonds Timmerindustrie).

Deze subsidie is alleen voor branche: Timmerindustrie

Timmerindustrie - SSWT Subsidie
De SSWT (Stichting Sociaal en Werkgelegenheidsfonds Timmerindustrie) stimuleert werkgevers werknemers (bij) te scholen. Vanuit het S&W-fonds (Sociaal & Werkgelegenheid Fonds) worden subsidies verstrekt aan werkgevers waarvan de werknemers scholing volgen.

De subsidie bedraagt maximaal €1.650,- per persoon per jaar. Dit is opgebouwd uit subsidie voor cursuskosten (€71,- per dagdeel, maximaal €142,- per persoon per dag, maar nooit meer dan de werkelijke kosten) en subsidie voor verletkosten (€18,- per uur, maximaal €135,- per persoon per dag). Per werkgever wordt een bedrijfsbudget vastgesteld, dat is afhankelijk van het aantal werknemers in het bedrijf.

Deze subsidie is alleen voor branche: Timmerindustrie

Transport & Logistiek - Subsidie Veiligheid
De sector Transport en Logistiek kent relatief veel risico’s als het gaat om aanrijd- en valgevaar, fysieke belasting en agressie en geweld. Daarom wordt er door SOOB (Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer) subsidie verstrekt op opleidingen op het gebied van veiligheid. Voor branchekwalificerende opleidingen op het gebied van veiligheid wordt een extra hoge subsidie verstrekt. De opleidingen die voor subsidie in aanmerking komen zijn opgenomen in een online overzicht. Klik hier voor het overzicht.

Het subsidie bedrag is maximaal €100,- tot €150,-, maar nooit meer dan de werkelijke kosten.

Deze subsidie is alleen voor branche: Transport en Logistiek

Transport & Logistiek - Subsidie voor branchekwalificerende scholing
De komende jaren zijn er in de sector Transport en Logistiek veel nieuwe chauffeurs nodig en is het ook belangrijk dat werknemers goed opgeleid blijven.
Door het verstrekken van subsidies via SOOB Subsidiepunt stimuleert stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer (SOOB) het volgen van opleidingen en trainingen voor huidige én toekomstige medewerkers in de bedrijfstak.
Indien u dus als werkgever uw (toekomstige) medewerkers wilt opleiden voor een branche kwalificerend certificaat of diploma kunt u subsidie aanvragen bij het subsidiepunt van de SOOB.
De keuze uit opleidingen is breed en varieert van opleidingen voor chauffeurs en logistiek personeel tot opleidingen voor het middenkader. Ook voor medewerkers in de sectoren verticaal transport en verhuizen is er een uitgebreide keuze in opleidingen met subsidie.

Het subsidiebedrag verschilt per opleiding en loopt van € 50,- tot maximaal € 4.660,-.

Klik hier voor een overzicht van de beschikbare opleidingen met subsidie.

Deze subsidie is alleen voor branche: Transport en Logistiek

Transport & Logistiek - Subsidie voor Praktijkdagen Code 95
De Stichting Opleidings- Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer (SOOB) vindt het belangrijk dat chauffeurs op tijd de code 95 op het rijbewijs behalen. Code 95 is de vervanging van het chauffeursdiploma en is voor iedereen verplicht die beroepsmatig als vrachtautochauffeur rijdt, voor zover er geen vrijstelling geldt. Er geldt nascholingscyclus van 5 jaar. Daarin moet door middel van 35 uur nascholing de Vakbekwaamheid aangetoond worden.
Om dit te ondersteunen is er per chauffeur, per jaar € 75,- subsidie voor praktijkdagen voor code 95 beschikbaar.

Deze subsidie is alleen voor branche: Transport en Logistiek

Uitzendbranche - EVC-traject flexkrachten
EVC staat voor Erkennen van -eerder- Verworven Competenties of voor Ervaringscertificaat. Met een EVC-traject kunnen de kennis en vaardigheden in beeld worden gebracht die mensen op een bepaald moment hebben. Uitzendorganisaties die hun flexkrachten een EVC-traject aanbieden, kunnen in aanmerking komen voor een bijdrage van STOOF. Vanaf 1 januari 2017 vergoedt STOOF de feitelijke kosten tot maximaal €1.500,-. Voor deze vergoeding dient de uitzendorganisatie een reservering te maken via het Opleidingsportal van STOOF vóór 31 januari.

Deze subsidie is alleen voor branche: Uitzendbranche

Uitzendbranche - Scholingsvouchers
Om uitzendkrachten een aanzet te geven tot een leven lang leren, enthousiast te maken om verder te leren en duurzaam inzetbaar te houden geeft STOOF (Stichting Opleiding & Ontwikkeling Flexbranche) scholingsvouchers uit. STOOF stelt in 2017 in totaal 900 scholingsvouchers beschikbaar. Het reserveren en op naam zetten van scholingsvouchers gebeurd in tijdvakken. De tijdvakken worden gepubliceerd op de website van STOOF. De voucher heeft een waarde van maximaal €500,- exclusief BTW.

Deze subsidie is alleen voor branche: Uitzendbranche

Vlakglasbranche - Opleidingssubsidie
Een werkgever in de Vlakglasbranche die zijn werknemer(s) een cursus/training laat volgen, kan in aanmerking komen voor een subsidie vanuit STOOV(Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds voor de Vlakglasbranche). Hierbij wordt onderscheidt gemaakt in: Vaktechnisch; Arbo & Veiligheid; Magazijn & Expeditie; Communicatie, commercie en management; en Overige cursussen. De hoogte van de subsidie is afhankelijk van de soort scholing, maar ligt in ieder geval tussen de 50% en 100% van de kosten. De specifieke scholingen en subsidies zijn terug te vinden in de Cursuscatalogus van STOOV.

Klik hier voor de catalogus.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vlakglasbranche

Vleessector - Employability
Het doel van deze subsidie is om door middel van opleidingen een bijdrage te leveren aan het verbeteren van de positie van de werknemer op de arbeidsmarkt.

Een werknemer kan in aanmerking komen voor een bijdrage in de scholingskosten ter hoogte van maximaal € 500,-- per jaar (maximaal € 1.000,-- per twee jaar). Deze bijdrage wordt verstrekt door het FCBVlees (Fonds Collectieve Belangen Vleessector). Onder scholingskosten wordt ook de noodzakelijke tijd voor het afleggen van een examen verstaan, voor zover dit binnen het reguliere arbeidsrooster van de werknemer valt . Overige verleturen worden niet vergoed.
Een werknemer kan eenmaal in de vijf jaar een loopbaanadvies verzoeken. Dit loopbaanadvies mag maximaal € 750,-- kosten.

EVC- en loopbaantrajecten kunnen ook in aanmerking komen voor een bijdrage via de employabilityregeling.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Opleidingssubsidie BBL 1 en 2
Een werkgever die een jongere van 16 jaar of ouder in dienst neemt en opleidt, kan een subsidie ontvangen vanuit het FCBVlees (Fonds Collectieve Belangen Vleessector). Hierbij wordt in het bijzonder gelet op het feit of de jongere langdurig werkloos is en geen werkervaring heeft.
De opleidingssubsidie is onderverdeeld in een leeftijdssubsidie en een opleidingssubsidie.

De Leeftijdssubsidie bedraagt in het 1e jaar (opleiding BBL) € 1.200,- per leerling. In het 2e opleidingsjaar wordt € 600,- uitgekeerd.

De diplomasubsidie vergoedt de diplomatoeslag van € 204,- die een werkgever aan de leerling uitkeert bij het behalen van een NT2 certificaat, een BBL niveau 1 of 2 diploma. Indien een leerling een jaar na het behalen van het diploma nog bij dezelfde werkgever in dienst is, betaalt deze een eenmalige diplomatoeslag van € 272,- bruto. Ook deze diplomatoeslag wordt door het Fonds vergoed.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Overige Opleidingssubsidies
Een werkgever die investeert in opleidingen voor zittende werknemers t.b.v. doorstroom, kan een vergoeding krijgen voor de kosten van ingezette opleidingen. Deze vergoeding wordt verstrekt door het FCBVlees (Fonds Collectieve Belangen Vleessector). Om hiervan gebruik te kunnen zal de werkgever een opleidingsplan moeten indienen. De cursus 'Nederlands op de werkvloer' zal hiervan een integraal onderdeel moeten vormen . De werkgever is verplicht deze cursus aan te bieden.

De hoogte van de subsidie is verschillend per opleidingssoort:

Functiegebonden opleidingen:
Voor opleidingen tot HBO-niveau 50% subsidie. Een opleiding is functiegebonden als deze aansluit op of bijdraagt aan de uitvoering van de huidige werkzaamheden en de werkgever de werknemer 100% tegemoet komt in de vergoeding van de opleidingskosten en de daaraan verbonden uren binnen of buiten werktijd.

Gedeeltelijk functiegebonden opleidingen:
Voor opleidingen tot HBO-niveau 50% subsidie. Een opleiding wordt als gedeeltelijk functiegebonden beoordeeld als de werkgever de werknemer 50% tegemoet komt in de vergoeding van de opleidingskosten en de daaraan verbonden uren binnen werktijd.

HBO-opleidingen:
Het subsidiepercentage en de beoordeling is zoals hierboven beschreven (functiegebonden of gedeeltelijk functiegebonden). De maximale subsidie bedraagt € 1.000,- per opleiding.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Subsidie leerwerkplekken
De Subsidie Leerwerkplekken is beschikbaar voor werkgevers die jongeren (16 tot 27 jaar) een leerwerkplek aanbieden. Deze jongeren dienen onder de doelgroep van de Participatiewet te vallen, Zij hebben beperkende mogelijkheden, maar zijn met ondersteuning wel bemiddelbaar naar reguliere banen in de vleessector. De werkgever kan deze jongeren een leerwerkplek aanbieden voor de periode van 3 maanden, met de intentie om hen na afloop een dienstverband aan te bieden. De subsidie voor deze periode is €1.500,-. Voor een kortere periode leerwerkplek zal de subsidie naar rato per maand worden uitgekeerd. Voor de specifieke groep Wajongers geldt de maximumleeftijd van 27 jaar niet.
Wanneer de leerling na 6 maanden na start van de leerwerkplek nog steeds in dienst is van de werkgever, ontvangt deze een aanvullende subsidie van €500,-.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Subsidies ten behoeve van projecten
Het Stichting Fonds Collectieve Belangen Vlees (FCB vlees) financiert projecten die bijdragen aan haar algemene doelstelling.
Deze algemene doelstelling bestaat uit het financieren en subsidiëren van activiteiten die gericht zijn op het bevorderen van goede arbeidsverhoudingen tussen werkgevers en werknemers in de Vleeswarenindustrie in de meest ruime zin.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Vergoeding Erkenning Verworven Competenties (EVC)
Een EVC-traject wordt ingezet om eerder verworven competenties vast te leggen in een ervaringscertificaat. Een werkgever die het een werknemer mogelijk maakt een EVC-traject te doorlopen kan 50% van de kosten van dit EVC-traject vergoed krijgen vanuit het FCBVlees (Fonds Collectieve Belangen Vleessector). De kosten van een interne assessor zijn ook 50% subsidiabel met een maximum van € 625,- per werknemer.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Vleessector - Verletkostenvergoeding
Een werkgever die verletkosten heeft i.v.m. in de onderneming werkzame vakbondskaderleden die deelnemen aan door de vakbond georganiseerde kaderbijeenkomsten en activiteiten op het vlak van scholing, vorming en opleiding kunnen hiervoor een vergoeding krijgen vanuit het FCBVlees (Fonds Collectieve Belangen Vleessector).

De verletkostenvergoeding is gelijk aan het salaris per uur x het aantal verleturen van de betreffende werknemer.

Deze subsidie is alleen voor branche: Vleessector

Ziekenhuizen - Subsidieregeling arbeidsverhoudingen
De Stichting Arbeidsmarkt Ziekenhuizen (StAZ) stelt een stimuleringssubsidie beschikbaar voor projecten waarmee organisaties de arbeidsverhoudingen verbeteren. De stimuleringssubsidie is bedoeld als een startfinanciering voor bijvoorbeeld projecten waarmee werknemers meer regie krijgen op hun werk en hun loopbaan, beter samenwerken en met elkaar communiceren, meer invloed ervaren op de inhoud van hun werk of flexibeler kunnen omgaan met roosters en werktijden.
Het subsidiebedrag dat beschikbaar wordt gesteld hangt af van de kosten die gemaakt moeten worden om het project te realiseren, maar bedraagt maximaal € 5.000,-. Het bestuur van de StAZ beoordeelt de ingezonden ideeën en besluit of de inzending in aanmerking komt voor de stimuleringspremie. Het plan moet voldoen aan de punten zoals beschreven in de voorwaarden.
Het indienen van een plan is op ieder moment mogelijk. Er is voorlopig geen sluitingstermijn voor het aanvragen van de stimuleringspremie.

Deze subsidie is alleen voor branche: Ziekenhuizen

Ziekenhuizen - Subsidieregeling gezond en veilig werken
DeStichting Arbeidsmarkt Ziekenhuizen (StAZ) stelt een stimuleringssubsidie beschikbaar voor goede ideeën om gezond en veilig te werken. De stimuleringssubsidie is bedoeld als een startfinanciering voor een project waarmee een organisatie medewerkers en leidinggevenden nog meer bewust maakt van het belang van veilig en gezond werken. Denk bijvoorbeeld aan het tegengaan van werkstress, het stimuleren van een goede werkhouding, het verhogen van de sociale veiligheid, of leren omgaan met lastige patiënten.
Het subsidiebedrag hangt af van de kosten die gemaakt moeten worden om het idee te realiseren, maar bedraagt maximaal € 5.000,-. Het bestuur van de StAZ beoordeelt de ingezonden ideeën en besluit of de inzending in aanmerking komt voor de stimuleringspremie. Het plan moet voldoen aan de punten zoals beschreven bij de voorwaarden.
Het indienen van een plan is op ieder moment mogelijk. Er is voorlopig geen sluitingstermijn voor het aanvragen van de stimuleringspremie.

Deze subsidie is alleen voor branche: Ziekenhuizen

Zorg - Beschikbaarheidbijdrage (Medische) Vervolgopleidingen
Zorgaanbieders die werknemers opleiden tot (medisch) specialist of gespecialiseerd verpleegkundig of ondersteunend personeel, kunnen hiervoor een vergoeding ontvangen.

De vervolgopleidingen tot (medisch) specialist zijn:
  • De 28 erkende medisch specialismen, technische zorgspecialismen, tandheelkundige specialismen, overige specialismen, gezondheidszorgpsycholoog en klinisch psycholoog in bepaalde instellingen.
    De ziekenhuisopleidingen zijn:

    • De vervolgopleiding tot ziekenhuishygiënist, gipsverbandmeester en gespecialiseerd verpleegkundigen.
    • Vervolgopleidingen tot medisch ondersteunend personeel.

    Er zijn een maximaal aantal instroomplaatsen en doorstroomplaatsen vastgelegd door het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) in het verdeelplan.

    Let op: aanvragen voor een beschikbaarheidbijdrage dienen vóór 1 oktober van het betreffende jaar ingediend te worden.

    Deze subsidie is alleen voor branche: Zorg

  • Zorg - Stagefonds Zorg
    Het Stagefonds maakt het mogelijk dat zorginstellingen die stageplaatsen realiseren voor studenten van bepaalde zorgopleidingen een bijdrage krijgen voor de kosten van de stagebegeleiding. Het Stagefonds wordt verstrekt door het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) en uitgevoerd door de stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB).
    Voor vergoeding uit het Stagefonds komen in aanmerking: instellingen die zorg leveren en stages realiseren voor leerlingen die een verpleegkundige, verzorgende of sociaalagogische opleiding volgen, of een opleiding tot doktersassistent, apothekersassistent of tandartsassistent.

    VWS berekent na afloop van een studiejaar de hoogte van het bedrag per zorginstelling. Het normbedrag per fulltime (fte) stage is afhankelijk van het totaal aantal gerealiseerde stageplaatsen. De normbedragen 2017/2018 worden medio november 2018 bekend gemaakt. De subsidie per stageplaats wordt berekend aan de hand van bestanden met stagegegevens die de ROC's, hogescholen en de particuliere onderwijsinstellingen bijhouden. Op basis van gegevens van deze onderwijsinstellingen berekent VWS het aantal plaatsen en de bijbehorende subsidie.

    Vanaf medio augustus tot en met 1 oktober 2018 is het mogelijk om subsidieaanvragen voor het schooljaar 2017/2018 online in te dienen via het nieuwe portaal. Vanaf deze datum zijn alle benodigde informatie en documenten vindbaar op de website. Desgewenst blijft het ook nog mogelijk een aanvraag per post in te dienen. Om het vooringevulde aanvraagformulier van uw zorgconcern per post te ontvangen kunt u contact opnemen met het ministerie van VWS via (070) 340 55 66 of stagefonds@minvws.nl

    De aanvraag dient uiterlijk op 1 oktober van het betreffende studiejaar ontvangen te zijn.

    Deze subsidie is alleen voor branche: Zorg

    Zorg - Subsidieregeling kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg
    Zorginstellingen die zorg leveren op basis van de Zorgverzekeringswet (Zvw) kunnen subsidie krijgen om hun medewerkers op te leiden. De subsidieregeling kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg is bedoeld voor de inrichting van interne en externe opleidingen voor personeel, studiebegeleiding van medewerkers in opleiding, de vervanging van medewerkers in opleiding en het gebruik van specifieke opleidingsfaciliteiten.

    Deze subsidie is alleen voor branche: Zorg

    Zorg - Subsidieregeling opleidingen publieke gezondheidszorg
    Ziekenhuizen die werknemers opleiden tot jeugdarts, arts infectieziektenbestrijding, arts tbc-bestrijding en medisch milieukundige (1e en 2e fase) - ofwel de opleidingen in de publieke gezondheidszorg - kunnen een instellingssubsidie ontvangen. Deze subsidieregeling wordt uitgevoerd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Er is een subsidie bij instroom en doorstroom in opleidingen.

    De volgende opleidingen worden gesubsidieerd met bijbehorend subsidiebedrag (subsidiebedrag per voltijdse opleidingsplaats):
    1. Arts infectieziektebestrijding 1e fase - € 81.600
    2. Arts infectieziektebestrijding 2e fase - € 81.600
    3. Arts tbc-bestrijding 1e fase - € 81.600
    4. Arts tbc-bestrijding 2e fase - € 81.600
    5. Jeugdarts 1e fase - € 70.900
    6. Jeugdarts 2e fase - € 70.900
    7. Medisch milieukundige 1e fase - € 81.600
    8. Medisch Milieukundige 2e fase - € 81.600

    Deze subsidie is alleen voor branche: Zorg

    Zorg&Welzijn - SectorplanPlus
    SectorplanPlus is een meerjarige subsidie van het ministerie van Volksgezonheid, Welzijn en Sport. Deze subsidieregeling heeft als doel een extra impuls te geven aan opleidingsprojecten die zijn gericht op nieuwe instroom, met ontslag bedreigde werknemers, opscholing binnen de organisatie via kwalificerende scholing of opleidingen tot praktijkbegeleiders. De verwachting is dat met deze maatregelen totaal zo´n 170.000 professionals in Zorg en Welzijn extra worden ondersteund.
    Subsidie van het SectorplanPlus komt in de periode van 2017-2021 via de bij RegioPlus aangesloten regionale werkgeversorganisaties beschikbaar voor werkgevers in Zorg en Welzijn. Dit gebeurt in verschillende tijdvakken.
    Om in aanmerking te komen stellen werkgevers een scholingsplan op. De scholingsactiviteiten die vanuit SectorplanPlus in aanmerking komen, zijn:
    1. Kwalificerend Beroepsonderwijs: mbo beroepsbegeleidende leerweg (BBL)
    2. Kwalificerend Beroepsonderwijs: hbo duaal
    3. Training en opleiding: lang (minimaal 16 dagen)
    4. Training en ontwikkeling: middellang (vanaf 5 tot en met 15 dagen)
    5. Training en ontwikkeling: kortdurend (tot en met 4 dagen)

    De subsidieregeling betreft een cofinancieringsregeling, dus van de werkgever wordt verwacht mee te betalen in de gesubsidieerde trajecten. Voor de aanvraag hoeven geen kosten te worden begroot maar alleen het aantal deelnemers. De in aanmerking komende kosten zijn verletkosten van de deelnemer, loonkosten van de interne docent en externe kosten van opleidingsleveranciers. De maximale subsidiabele kosten per activiteit zijn:
    • Voor activiteiten A&B kan maximaal € 5.000,- voor een periode van 2 jaar gesubsidieerd worden. Deze activiteiten kennen een vaste vergoeding per geleverde prestatie.
    • Bij activiteiten C, D en E is sprake van subsidie o.b.v. daadwerkelijk gemaakte subsidiabele kosten. De maximale vergoedingen zijn € 2.000,- (activiteit C), € 750,- voor activiteit D en € 250,- per traject onder activiteit E.

      Let op: Het tweede tijdvak is gesloten. Indien het derde tijdvak geopend wordt, zal dit hier aangegeven worden.

      Let op: deze subsidieregeling mag niet ingezet worden naast de subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Personeel Ziekenhuiszorg.

      Deze subsidie is alleen voor branche: Welzijn & Maatschappelijke dienstverlening, Zorg

    Terug

    Copyright © 2017 Subsidiescanner.nu
    Subsidiescanner.nu wordt samengesteld door BMC | Implementatie en financieel mogelijk gemaakt door de Provincie Noord-Brabant.

    Aan de informatie uit Subsidiescanner.nu kunnen geen rechten worden ontleend.